Artwork for podcast Derde Ronde van Los Angeles van 1932 tot 2028
Deel 1: De reis van de Olympische paarden via de Holland-Amerika Lijn !
Episode 124th August 2025 • Derde Ronde van Los Angeles van 1932 tot 2028 • Rik Bouman & Boudewijn van Eijck
00:00:00 00:19:52

Share Episode

Shownotes

In deze podcastserie, 'Derde Ronde van Los Angeles van 1932 tot 2028', verken ik samen met Boudewijn van Eijck de rijke geschiedenis van de Olympische Spelen, met een bijzondere focus op de edities van 1932 en 1984 in Los Angeles, alsook de aanstaande Olympische Spelen van 2028. Wij zijn beiden fervente sportliefhebbers en delen onze passie door te reflecteren op memorabele momenten en verborgen verhalen uit het verleden, terwijl wij ook vooruitkijken naar de toekomst van de Olympische evenementen.

The inaugural episode of the podcast series "Derde Ronde" elucidates the historical trajectory of the Olympic Games in Los Angeles, spanning from 1932 to 2028. We commence by examining the initial Olympic Games held in Los Angeles in 1932, highlighting the limited participation of female athletes, with only five sports allowing both men and women to compete, in stark contrast to contemporary standards of gender equality in sports. Furthermore, we delve into the economic and logistical challenges that the Dutch Olympic team faced during this period, which ultimately culminated in a reduced contingent of athletes. The conversation also touches upon the evolution of various sports over the decades and the implications for future Olympic events. As we navigate through this rich tapestry of athletic history, we set the stage for a deeper exploration of the nuances and complexities surrounding the Olympic legacy in forthcoming episodes.

In the debut episode of 'Derde Ronde', Boudewijn van Eijk and Rik Bouman embark on an insightful examination of the Olympic Games, particularly focusing on the Los Angeles Olympics of 1932. This episode serves as a gateway into the intricate history of the Olympics, highlighting the sports that were included at that time, and notably, the significant gender disparities that existed. The hosts poignantly point out that a mere five sports featured both male and female competitors, prompting a critical discussion on the implications of such disparity and the evolution towards greater inclusivity in modern Olympic competitions.

The narrative unfolds with a thorough analysis of the economic backdrop that influenced the participation of various nations, particularly the Netherlands. The hosts illustrate how the financial constraints of the era nearly precluded the Dutch team from attending the Olympics, and they commend the decisive actions of the Dutch Football Association, which stepped forward to secure necessary funding. This highlights the interplay between sport, national identity, and economic realities, emphasizing that even in the realm of athletics, financial viability plays a crucial role in representation.

As the episode progresses, Boudewijn and Rik reflect on the historical significance of the 1932 Olympics, setting the stage for a broader discourse on the evolution of sports and gender dynamics in the Olympics. The episode concludes with a promise of continued exploration into the subsequent Olympic Games, inviting listeners to consider how the past informs the present and future of athletic competition. This engaging and informative episode serves as both a historical narrative and a catalyst for discussion on the ongoing journey toward equality in sports.

Takeaways:

  1. The podcast series titled 'Derde Ronde' explores the history of the Olympic Games from 1932 to 2028, highlighting key events and changes in sports participation.
  2. The initial Olympic Games in Los Angeles in 1932 featured a limited number of sports, with notable exclusions for women's participation in many categories.
  3. In 1932, the ratio of male to female participants was strikingly imbalanced, emphasizing the historical context of gender inequality in sports.
  4. The episode discusses the significant increase in sports diversity and inclusion observed in the 1984 Olympics compared to the 1932 Games.
  5. Historical records reveal that financial constraints in 1932 nearly prevented the Dutch Olympic team from participating entirely due to economic conditions.
  6. The podcast foreshadows future episodes that will delve deeper into the stories of athletes and events from both the 1932 and 1984 Olympic Games.

Links referenced in this episode:

  1. holland-amerika-lijn.com
  2. hotelnewyork.com
  3. ssstatendam.com
  4. ssrotterdam.com

Companies mentioned in this episode:

  1. Holland-Amerika lijn
  2. Hotel New York
  3. SS Statendam
  4. SS Rotterdam
  5. Red Bull Leipzig
  6. Chelsea
  7. North Carolina

Transcripts

Speaker A:

dcastserie Derde Ronde LA van:

Speaker A:

Met Boudewijn van Eijk en ondergetekende Rik Bouwman.

Speaker A:

Boudewijn, aflevering 1.

Speaker A:

Waar beginnen we dan?

Speaker B:

Ja, geweldig dat we kunnen beginnen.

Speaker B:

We hebben de hele zomer erop zitten wachten.

Speaker B:

Het leek ons wel goed om eerst eens even te gaan kijken.

Speaker B:

We hebben hier hele mooie dikke boeken liggen waar dat allemaal mooi in is opgeschreven.

Speaker B:

Welke sporten in:

Speaker B:

Dat waren de eerste Olympische Spelen in Los Angeles.

Speaker B:

Daarna hebben we natuurlijk:

Speaker B:

, om het zomaar te zeggen, in:

Speaker B:

En wat er meteen ook wel bij opvalt, en dat lijkt ook uit dat staatje, is of die sporten zowel voor mannen als voor vrouwen werden beoefend.

Speaker B:

En daar zitten toch wel een paar hele opvallende dingen bij.

Speaker A:

Nou, volgens mij misten een aantal sporten de dames.

Speaker B:

Ja, een heleboel, want we hebben uiteindelijk maar vijf sporten waar zowel mannen als vrouwen mee deden.

Speaker B:

En om dat even op te noemen, dat waren allereerst atletiek, zwemmen, schermen, zeilen en het schoonspringen.

Speaker B:

En bij alle andere sporten zagen we dus alleen mannen.

Speaker B:

Echt ongelooflijk als je dat nu leest.

Speaker A:

Ja, de verhouding destijds was natuurlijk 1 op 10.

Speaker A:

En tegenwoordig moet het natuurlijk 1 op 1 zijn.

Speaker B:

En wat bedoel je met de 1 op 1?

Speaker A:

15 vrouwen en evenveel mannen die meededen.

Speaker B:

eveel deelnemers hadden we in:

Speaker B:

Weet je dat?

Speaker A:

Rond de:

Speaker B:

en kijken welke sporten we in:

Speaker B:

Ik heb natuurlijk al vijf genoemd.

Speaker B:

Vervolgens had je in:

Speaker B:

Dan hebben we het wielrennen.

Speaker B:

Nou, dat hebben we nu nog steeds.

Speaker B:

Het worstelen, het schieten.

Speaker B:

Het gewicht heffen, vervolgens het waterpolo.

Speaker A:

Leuk trouwens om daar even over te vertellen.

Speaker A:

Het waterpolo, uiteindelijk hadden ze vijf landen die meededen.

Speaker A:

En op een gegeven moment moest Brazilië, die had zich dusdanig misdragen, dat ze niet meer verder mochten.

Speaker A:

En toen hadden we nog maar vier deelnemende landen.

Speaker A:

En de twee toppers die er waren, Die hadden de eerste wedstrijd tegen elkaar gespeeld en ze speelden maar in één poelsje.

Speaker A:

Dus toen was eigenlijk al bekend wie de gouden winaar zou zijn na de eerste wedstrijd.

Speaker B:

Ze waren allebei verzekerd op wat een medaille.

Speaker B:

Ruitersport.

Speaker B:

En we zagen dat er ook Nederlanders toen meededen in 32.

Speaker B:

Dat komen we zo nog even op terug.

Speaker B:

En dan kwamen we uit met schoonspringen, het boksen, het hockey.

Speaker B:

En mij viel op dat in 32 we niet meededen met het hockey.

Speaker B:

is dat de hockeydames pas in:

Speaker A:

t was de Spelen van Moskou in:

Speaker A:

En een aantal onderdelen van Nederland hebben toen gezegd van wij doen niet mee vanwege de toestand in Rusland, waaronder het hockey.

Speaker A:

Die hebben toen gezegd wij gaan niet naar de Spelen van Moskou.

Speaker B:

Heel principieel, ja.

Speaker B:

Zo zie je dat de geschiedenis zich constant herhaalt.

Speaker B:

Dat is natuurlijk een bekend gegeven, want toen waren er boycotten, toen waren er oorlogen, toen gebeurden er dingen in landen waar men niet heen wilde.

Speaker A:

uiteindelijk kwamen ze dus in:

Speaker B:

Ja, en dat is voor onze podcast weer leuk, want dat was in Los Angeles.

Speaker B:

En we zullen nog even niet verklappen wat toen de medaille was.

Speaker B:

Dat behalve zeker nog in een andere aflevering.

Speaker B:

Dan even terug nog naar 32.

Speaker B:

De moderne vijfkamp die deed mee en dat was het eigenlijk.

Speaker B:

Dus ook veel minder sporten dan nu.

Speaker B:

Maar met name dat verschil tussen of de mannen en de vrouwen ermee mochten doen, dat vond ik toch wel heel opvallend.

Speaker A:

in de tweede sessie van LA in:

Speaker B:

Exact.

Speaker A:

Wat gebeurde daar?

Speaker B:

Ja, en toen kregen we ineens een hoop sporten erbij en veel meer zwarte balletjes.

Speaker B:

Wat in dit staatje betekent sporten voor zowel mannen en vrouwen.

Speaker B:

In:

Speaker B:

32 is natuurlijk allemaal ver voor onze tijd.

Speaker B:

Maar in:

Speaker B:

Nou, dat was toen ook al.

Speaker B:

Schermen, wielrennen, worstelen, schieten.

Speaker B:

En als ik het goed zie was schieten nog alleen voor mannen.

Speaker B:

Dat is ook wel heel opvallend.

Speaker B:

Dan het gewicht heffen.

Speaker B:

Dan krijgen we waterbolo.

Speaker B:

Het voetbal was toen ook al.

Speaker B:

Dat verbaast me.

Speaker B:

Ik dacht dat dat later pas...

Speaker B:

Maar dat is niet waar.

Speaker B:

Dat zit al heel lang eigenlijk in de Olympische Spelen.

Speaker B:

Maar met name voor mannen.

Speaker B:

En toen ook alleen voor mannen.

Speaker B:

Toen had je het vrouwenvoetbal natuurlijk nog niet zoals we dat nu kennen.

Speaker B:

Het zeilen.

Speaker B:

Dan de ruitersport.

Speaker B:

Boogschieten, dat kennen we natuurlijk.

Speaker B:

Dan moeten we een sprong maken, dan even schoonspringen.

Speaker B:

Het boksen, ook alleen voor mannen.

Speaker B:

Dan het hockey, waar we het al eerder over hadden.

Speaker B:

Dan de moderne vijfkamp, ook alleen maar voor mannen.

Speaker B:

En vervolgens het carnavaren, basketbal, handbal, volleybal, judo.

Speaker B:

En ook het judo alleen voor mannen?

Speaker A:

Ja, judo was ver in de jaren negentig als een olympische sport ook voor de dames gekomen.

Speaker A:

Dus ja, er zijn vele topdames die wel wereldkampioen geworden zijn van Nederland.

Speaker B:

Maar geen olympische medaille.

Speaker A:

Geen olympische medaille hebben kunnen behalen.

Speaker A:

Wat ze gewoon niet mee mochten doen.

Speaker B:

Nou dan als laatste plankzeilen.

Speaker B:

Is dat het windsurfen zoals we dat nu kennen?

Speaker A:

Nee, nee, nee.

Speaker A:

Plankzeilen toen was met Van den Berg.

Speaker A:

Stefan van den Berg.

Speaker B:

Ja, want dit was ook alleen voor mannen nog.

Speaker A:

Ja, en dat was op een plankje met een zeil erop.

Speaker A:

En ja, tegenwoordig schieten ze natuurlijk het water uit.

Speaker B:

Ja, met dat foilen.

Speaker B:

Dat gaat ook loeihard.

Speaker B:

Volgens mij hadden we in Parijs ook weer een bronzen medaille.

Speaker B:

Nou, dat is toch wel aardig om dit even te zien.

Speaker B:

En als we nog even naar 32 gaan, een vrij kleine ploeg.

Speaker A:

Ja.

Speaker B:

En je leest ook wel dat dat misschien ook wel komt door de economische omstandigheden toen.

Speaker B:

Als we even teruggaan in de tijd.

Speaker A:

Ja, nou sterker nog, er zou aanvankelijk totaal geen Nederlandse ploeg naartoe gaan.

Speaker B:

Oké.

Speaker A:

Omdat tot twee keer toe was het door het NOC was het afgewezen.

Speaker A:

Hetgeen wat benodigd was.

Speaker A:

En toen heeft de Nederlandse voetbalbond, die heeft zich opgeworpen en die hebben als eerste toen 10.000 gulden beschikbaar gesteld.

Speaker A:

En er was een benodigd bedrag van 50.000 gulden nodig.

Speaker A:

Maar doordat de voetbalbond de eerste 10.000 gulden naar voren bracht, hebben daarna meerdere partijen maar dan wel gewoon handelspartijen hebben meegedaan om ook die 50.000 gulden bij elkaar te brengen.

Speaker A:

En het gekke is natuurlijk dat voetbal, ze deden helemaal niet mee.

Speaker B:

Nee, er werd wel gevoetbald, maar we hebben niet meegedaan.

Speaker A:

Nederland deed niet mee, maar ze waren wel bereid dus om het sport toch in beweging te krijgen.

Speaker A:

En daardoor zijn alle andere sporters alsnog gegaan.

Speaker B:

Oh, wat goed.

Speaker B:

Nou ja, misschien was een van die sponsors ook wel destijds de Holland-Amerika lijn.

Speaker B:

En waarom zeg ik dat?

Speaker B:

Dat weet jij waarschijnlijk wel, Rick.

Speaker B:

Ik ben nu al bijna meer dan anderhalf jaar bezig met het maken van een film over de geschiedenis van het voormalige kantoorgebouw Holland en Meerkalein hier in Rotterdam, wat nu Hotel New York is.

Speaker B:

denis beslaat volgend jaar in:

Speaker B:

De film zal uitkomen hier in Rotterdam in eerste instantie, hopelijk bij het filmfestival, want daar gaan we voor inzenden.

Speaker B:

Dat zal januari, februari:

Speaker B:

Maar wat ik in die research allemaal ben tegengekomen, onder andere, is dat je in de oude passagierslijsten van de Holland-Amerika-lijn, daar kan je namen invoeren en dan kan je zien of jouw grootvader of jouw overgrootvader of bekende Nederlanders of wat dan ook, of die op die schepen hebben gezeten.

Speaker A:

Ja, en dan kom jij ineens met het verhaal van de Holland-Amerika-lijn.

Speaker A:

En de Olympische Spelen.

Speaker A:

Het blijkt gewoon dat de Holland-Amerika-lijn is nog veel meer dan alleen maar iemand kunnen benaderen of kunnen vinden.

Speaker B:

Dat klopt en ik krijg er toch altijd weer een beetje kippenvel van, want ik heb hier gewoon vormen liggen.

Speaker B:

Twee passagierslijsten.

Speaker A:

Officiële lijsten.

Speaker B:

Ja, officiële lijsten.

Speaker B:

Dat zijn van die hele grote boeken.

Speaker B:

Ik weet geen eens of je dat A3-formaat noemt, maar het is groter in de breedte dan A3 en A4.

Speaker B:

En daar is met hand geschreven, zie je daar alle namen van de passagiers staan, met welk schip ze zijn gevaren, hoeveel ze hebben betaald, in welke klassen ze zaten, in welke hutten ze zaten.

Speaker B:

En jij noemde net, we hadden ongeveer 24 deelnemers.

Speaker B:

Nou, ik heb die namen ingevoerd en ja hoor, al die namen staan onder elkaar in die ouderwetse passagierslijsten.

Speaker B:

En wat zie je dan?

Speaker B:

juli:

Speaker B:

En ik weet inmiddels natuurlijk uit de resource voor die film dat dat toen een van de grootste schepen was, een van de kroonjuwelen.

Speaker B:

Nou, vervolgens moesten ze natuurlijk ook weer terug.

Speaker B:

Moet je je nagaan wat een trip dat is geweest.

Speaker B:

Want ik heb ook de passagierslijsten van de retourvaart gevonden.

Speaker B:

augustus:

Speaker B:

En dat waren eigenlijk de twee kroonjuwelen op dat moment.

Speaker B:

Wat ik ook weet uit die periode is dat, en daar hebben we ook foto's van, dat de Holland-Amerika-lijn heel lang de paarden van de Olympische ploeg ook heeft vervoerd.

Speaker B:

En daar heb ik ook echt foto's van.

Speaker B:

Die zullen denk ik ook in de film wel te zien zijn.

Speaker B:

En dan zie je van die paarden die ze op zo'n ouderwetse manier worden gehezen.

Speaker B:

Ik hoop dat ze nog een klein spuitje hebben gekregen of wat dan ook.

Speaker B:

En die worden dan ergens in dat ruim geplaatst.

Speaker B:

En je moet je voorstellen dat die tochten destijds, dit duurde wel 8, 9 of soms wel 10 dagen.

Speaker B:

Een beetje afhankelijk van de weersomstandigheden.

Speaker B:

Het was natuurlijk niet zo koud.

Speaker B:

Nou, dan kwamen die paarden aan, dan kwam die ploeg aan, dan moesten ze allemaal uitgeladen worden.

Speaker B:

Die paarden moesten doen van New York naar Los Angeles.

Speaker B:

Nou, dat is natuurlijk ook al een enorme afstand.

Speaker B:

Dus het was een hele kunst om iedereen daar te krijgen.

Speaker B:

En weet jij hoe die dressuurploeg of die springploeg het gedaan heeft in 32?

Speaker A:

Nou, sterker nog, er was een eventing team.

Speaker A:

Dat is een 3-in-1 gebeuren van het paardrijden.

Speaker B:

Ja.

Speaker A:

Die paarden met de ruiters, die zijn al eerder vertrokken.

Speaker A:

En nou is wel het bijzondere dat ze hadden één paard extra.

Speaker A:

Omdat ja, als er iets zou gebeuren.

Speaker A:

En verdomd, er gebeurde iets.

Speaker A:

Want één paard is door een auto onvergereden.

Speaker A:

Er is iets gebeurd.

Speaker A:

En daarom moest één paard op een gegeven moment terugtreden.

Speaker A:

En doordat ze een paard extra hadden, konden ze toch het eventing team afronden.

Speaker B:

Ongelooflijk.

Speaker A:

En uiteindelijk hebben ze dus ook zilver gewonnen.

Speaker A:

En een van de eventing teamleden die heeft het goud gewonnen.

Speaker A:

Dus wat dat betreft.

Speaker B:

En dat waren dus twee van de, als ik het goed heb, destijds zeven gewonnen medailles.

Speaker A:

Ja, ja, ja.

Speaker B:

En dat op 24 sporters is een hele hoge ratio natuurlijk.

Speaker A:

Heel goed natuurlijk.

Speaker A:

En ja, er is heel veel te vertellen over dat eventing team.

Speaker A:

En dat gaan we zeker ook in de volgende aflevering doen.

Speaker B:

En dat eventing team, is dat te vergelijken met wat ze volgens mij nu de military noemen?

Speaker B:

Dat je door zo'n soort bos moet...

Speaker A:

Drie delen doe je.

Speaker B:

Dressuur, springen en military.

Speaker A:

Die drie onderdelen, dat is bij elkaar het eventing.

Speaker B:

Wat me verder natuurlijk opviel, ik zei dat misschien net al, is dat er geen hockeyploeg, want de mannen konden gewoon meedoen.

Speaker B:

En toen hockeyden we ook al.

Speaker B:

Er zijn een heleboel clubs in Nederland die toen al twintig, dertig jaar bestonden.

Speaker B:

Dus er was gewoon een Nederlandse herenhockeyploeg.

Speaker B:

Dat kan niet anders.

Speaker A:

Ja, maar dat was niet te betalen.

Speaker A:

Dan moesten er dus twintig man zouden meemoeten.

Speaker A:

En wat ik zei al, per deelnemer was er gewoon vijftigduizend gulden beschikbaar.

Speaker A:

Dus het kon gewoon niet om een team ook nog eens op die manier daar naartoe te brengen.

Speaker A:

Want dan had je het bijna dubbele aantal mensen.

Speaker B:

Ja, en dat was toen echt een enorme crisis.

Speaker A:

En er was ook nog iets dat het hockey stelde heel weinig voor.

Speaker A:

e Olympische Spelen van LA in:

Speaker A:

drie teams.

Speaker A:

Nummer drie wist al dat hij brons ging halen.

Speaker A:

En nummer één was al lang bekend, want dat was India.

Speaker B:

India was natuurlijk fantastisch.

Speaker A:

Die waren de enigen en die wonnen met 17-1, geloof ik.

Speaker B:

Een paar jaar daarvoor,:

Speaker B:

En dat heeft echt wereldwijd een enorme crisis gegeven.

Speaker B:

En wat ik net al zei, daar deden veel minder ploegen mee, weinig deelnemers relatief gezien.

Speaker A:

chte van vier jaar eerder, in:

Speaker A:

En dat had te maken dat er gewoon heel weinig Europeanen naar Amerika gingen.

Speaker A:

Want het grappige is ook dat er waren twee sporters, twee Nederlandse sporters, die hadden eigenlijk recht om ook Sterker nog, die waren eigenlijk beter dan twee andere sporters die wel gingen.

Speaker A:

En de ene sporter, een dame, die mocht niet mee, want die kon geen Engels spreken.

Speaker A:

Dus toen hebben ze die andere maar genomen.

Speaker A:

En de tweede sporter, die kon niet mee, want die had geen twee maanden vrij van z'n werk gekregen.

Speaker B:

Ja, nee, die twee maanden, dat hebben we net gezien.

Speaker B:

Dat klopt dus, ja.

Speaker A:

Dus ja, het waren natuurlijk allemaal amateurs.

Speaker B:

Ja, veel meer.

Speaker A:

Dan kon je niet zomaar even twee maanden wegblijven bij je werkgever.

Speaker B:

Nee, nou ja, het is wel goed dat je dat zegt, want kijk, die Olympische Spelen, die Olympische Sporten komen natuurlijk uit amateursporten.

Speaker B:

Alles is natuurlijk ooit als een amateursport begonnen, maar komen daaruit voort.

Speaker B:

En dat vind ik ook zo aantrekkelijk van de Olympische Spelen, dat we nu nog steeds, ik zeg maar, even veredelde amateurs hebben.

Speaker B:

We hebben op dit moment natuurlijk een geweldige atletiekploeg.

Speaker B:

Ik weet niet wat Lieke Klaver en Femke Bol verdienen, maar dat is niet te vergelijken met wat in andere sporten op dit moment verdiend wordt.

Speaker B:

Ik zag nu deze week weer in de krant die Thiavi Simons, die speelt bij Red Bull Leipzig, als ik het goed heb.

Speaker B:

Nou, die moet dan wel of niet naar Chelsea.

Speaker B:

En wat dan een struikelblok is, is dat die per week 120.000 euro verdient.

Speaker B:

Ja, dat is totaal absurde bedragen.

Speaker B:

En dan weet ik wel dat het voetbal ook wel meedoet, met bepaalde voorwaarden natuurlijk.

Speaker B:

Maar dat vind ik zelf zo mooi en zo puur aan die met name die Olympische sporten.

Speaker A:

Nou, laten we dan alvast even vooruitlopen op aflevering 2.

Speaker A:

Ik zal een klein beetje vertellen daarover.

Speaker A:

Want in:

Speaker A:

Ene Michael Jordan.

Speaker A:

Wel bekend.

Speaker B:

Later.

Speaker A:

Toen nog niet.

Speaker A:

Toen was hij als amateur in:

Speaker A:

Hij was van North Carolina.

Speaker A:

Daar speelde hij toen.

Speaker B:

Was het een universiteitsploeg?

Speaker A:

Universiteitsploeg.

Speaker A:

Ze speelde toen met een amateurteam en daarom mocht hij meedoen.

Speaker A:

Want twee maanden later werd hij dus de professional.

Speaker A:

Maar acht jaar later, in:

Speaker B:

Dat was de eerste keer dat een.

Speaker A:

Dreamteam zo genoemd werd?

Speaker A:

Ja, dat waren de professionals toen.

Speaker A:

Maar in:

Speaker A:

En laat ik je nou vertellen Alvast.

Speaker A:

d het allermooiste dat hij in:

Speaker A:

goud wat hij uiteindelijk in:

Speaker B:

Ja, alles als professional.

Speaker B:

Maar daar gaan we in aflevering 2.

Speaker A:

Ruim op terugkomen, want er zijn fantastische verhalen over Michael Jordan en de Olympische Spelen.

Speaker B:

Fantastisch.

Speaker B:

n welke sporten hebben wij in:

Speaker B:

En zijn dat sporten waar we nu in de huidige tijd in Parijs bijvoorbeeld ook nog medailles weer hebben gehaald?

Speaker B:

En dan zie ik bijvoorbeeld het wielrennen, een zekere Jacques van Egmond, die zowel meedoet op de sprint als op de baan.

Speaker B:

En dan moet ik natuurlijk meteen aan Harry La Vrijssen denken en al die hele rappe collega's van hem.

Speaker B:

Dat vind ik dan zo mooi om te zien, want hij vond goud dat we in 32 dus al iemand hadden die op de baan ook zo goed was.

Speaker B:

Dus dat kon toch niet zomaar uit de lucht vallen dat we er nu nog ook zo goed in zijn.

Speaker A:

Nee, en ik ga je vertellen, hij deed nog met een derde onderdeel mee.

Speaker A:

En dat was tandem rijden.

Speaker B:

Oh ja, dat had je toen nog.

Speaker B:

Heb je dat wel eens gedaan trouwens?

Speaker A:

Dat is best wel moeilijk hoor.

Speaker A:

Nee, nee, nee, nee.

Speaker A:

Dat doen we maar niet.

Speaker A:

Maar in ieder geval, daar heeft hij dus ook nog aan meegedaan.

Speaker A:

Maar daar is een apart verhaal over.

Speaker B:

Dat gaat komen, oké.

Speaker B:

Nou, dus ik noemde even om die vergelijking te maken.

Speaker B:

In de paardensport hebben we goud gewonnen in 32.

Speaker B:

Nou, daar zijn we nu nog steeds goed in.

Speaker B:

Het wielrennen noem ik al, het zwemmen.

Speaker B:

En het zeilen.

Speaker B:

toch mooi om te zien, dat in:

Speaker B:

r later en hopelijk straks in:

Speaker A:

We gaan het allemaal beleven.

Links

Chapters

Video

More from YouTube