In deze vierde aflevering van ‘Boegbeelden & Bliktrekkers’ nemen we een kijkje achter de schermen bij Maas Nieuws, het verenigingsblad van Koninklijke Roei- en Zeilvereeniging De Maas dat al decennialang een vaste plek inneemt binnen de vereniging. Presentator Erik Peekel gaat in gesprek met de makers Berend Boogaerdt ’t Hooft en Leon de Veld.
We duiken in de archieven van de eerste edities en bespreken de transformatie naar het moderne blad van nu. Hoe bewaart de redactie de balans tussen roeien en zeilen? En hoe slaagt een verenigingsblad erin om al decennia volledig op advertentie-inkomsten te draaien?
In deze aflevering ontdek je:
Een boeiende aflevering over verenigingscultuur, watersport en de verbindende kracht van gedeelde verhalen binnen De Maas.
Podcastmaker Rik Bouman
Amidst the vibrant landscape of Rotterdam, the Sociëteit of the Koninklijke Roei- en Zeilvereniging de Maas stands as a venerable institution, marking its 175th anniversary as a symbol of connection between the city and its waterways. In this discourse, I have the privilege of conversing with Berend Boogaard and Leon de Veld, the distinguished creators of the esteemed publication Maasnieuws, which serves as a vital conduit of communication for the association's members. We delve into the significance of this periodical, which, despite the advent of digital communication, continues to resonate with the members, fostering a profound sense of community and belonging. The conversation further illuminates the evolution of Maasnieuws from its humble beginnings in 1972, characterized by rudimentary black-and-white layouts, to its current iteration, wherein it embodies professionalism and aesthetic appeal through modern design practices. As we explore the intricate processes behind the creation and curation of this esteemed publication, a compelling narrative emerges, showcasing the dedication and collaborative spirit that underpin the ongoing legacy of Maasnieuws.
Set against the backdrop of the illustrious Sociëteit van de Koninklijke Roei- en Zeilvereniging de Maas in Rotterdam, a hub of maritime culture for over 175 years, this episode presents a compelling exploration of 'Maasnieuws', the association's revered newsletter, through the insights of Erik Pekel and the publication's main contributors, Berend Boogaard and Leon de Veld. The discussion begins with an overview of the newsletter's pivotal role in connecting members, emphasizing its significance as a printed medium in an era dominated by digital communication. Boogaard articulates how 'Maasnieuws' serves as a vital thread weaving the diverse narratives of the membership into a cohesive tapestry, fostering a sense of community and shared identity that transcends the mere dissemination of information. Delving deeper into the history of 'Maasnieuws', the conversation traces its origins back to 1972, when it was conceived as a means to document and celebrate the activities of the association. The speakers reflect on the evolution of the publication from its rudimentary beginnings—marked by manual typesetting and black-and-white photography—to the current sophisticated format that benefits from digital advancements, enhancing both visual appeal and accessibility. De Veld highlights the diversity of contributions from members, noting how their individual stories and experiences enrich the content, thereby reinforcing the collective spirit of the association. This collaborative endeavor not only showcases the talents of members but also strengthens the bonds that hold the community together. As the dialogue progresses, the speakers contemplate the future trajectory of 'Maasnieuws', particularly in light of emerging technologies such as artificial intelligence. They express a desire to leverage these innovations to streamline the editorial process and enhance the quality of content, while remaining true to the publication's mission of preserving the rich history and communal essence of the association. The episode concludes with a reaffirmation of the commitment to ensure that 'Maasnieuws' continues to serve as a cherished resource for its members, bridging the past and future of the rowing and sailing community, while celebrating the achievements and stories that define their shared legacy.
Takeaways:
In het hart van Rotterdam, op een van de mooiste plekken van Nederland, ligt de Sociëteit van de Koninklijke Roei- en Zijlvereniging de Maas. Al 175 jaar een icoon dat de stad en het water met elkaar verbindt en waar boegbeelden en bliktrekkers samenkomen.
iermaal per jaar valt dat bij: Speaker B:Ja, ik denk dat het echt wel een verbindende factor is. Dat is al jaren zo. En vroeger was het natuurlijk heel belangrijk dat je een stuk communicatie had in de vorm van een gedrukt iets.
Tegenwoordig hebben we natuurlijk ook de digitale kanalen, maar het blad bestaat nog. En de leden vinden het ook nog steeds leuk.
Speaker A:Leon, wat betekent Maasnieuws voor jullie als makers?
Speaker C:Nou, voor ons als makers is het vooral opvallend dat je ziet hoeveel verschillende geledingen deze vereniging heeft. Uit alle hoeken en gaten komen mensen met allerlei mooie artikelen. Hoe we ze eigenlijk zelden aan te sporen. Dus je ziet echt wel hoe divers het is.
Dat is het grootste voor mij.
Speaker A: In: Speaker B:Het was zo dat er altijd een stenseltje werd verstuurd met wat activiteiten die er zouden plaatsvinden. Maar er was nooit echt een follow-up. Van der Hoop vond dat toen wel leuk.
Die zei, laat maar eens kijken of we niet gewoon per kwartaal een soort kleine verslaglegging kunnen doen van wat er is gebeurd. Dus dat was de eerste aanzet. Dat moest natuurlijk helemaal goedgekeurd worden door het bestuur.
Maar uiteindelijk was er dus een klein blaadje wat eerst op A5 formaat werd gemaakt. Dat was twee nummertjes. En toen dacht ik, nou het kan ook op A4, dat is misschien wat leuker.
En het leuke is, toen werd er ook al door de ontwerper van mijn vader, die had toen bovenin het logo Maasnieuws gemaakt. Dus eigenlijk sindsdien staan die golfjes met het woord Maasnieuws staan er al in.
Speaker A:Want jij, jouw vader en jij, jij bent zelf vijfde generatie in een in een drukkerijbedrijf. Jouw vader zag dus de mogelijkheid als Maaslid ook om een grote rol te spelen in de ontwikkeling van het blad.
We hebben hier allemaal ingebonden edities liggen, ook de allereerste edities. Leon, als we daar zo doorheen bladeren, wat valt jou op als je dat vergelijkt met het blad zoals dat nu is?
Speaker C:Dan zie je hoe ongelooflijk geprofessionaliseerd we zijn. Als je die oude nummers bekijkt, punt één, allemaal in zwart-wit. Het is inderdaad of je je jeugd voorbij ziet komen. Het is allemaal knip en plakwerk.
Het is op zich wel heel knap gedaan, maar je kunt je niet voorstellen hoeveel werk dat geweest moet zijn in die tijd om zo'n nummertje te maken. Nu is het ook al veel werk, maar zijn we volledig gedigitaliseerd. En kunnen we heel makkelijk artikeltjes overschieten en dingen verbeteren.
Maar als je zo'n oud, die oude Maasnielse bekijkt, dan denk je, met hoeveel mensen hebben ze hier aan gewerkt?
Speaker A:Nou, met hoeveel mensen hebben ze hier aan gewerkt?
Speaker B:Net zoveel als wij, met twee.
Speaker A:Want dat valt wel op, hè? Als je kijkt naar de ontwikkeling van het blad, was er altijd een klein clubje van hele betrokken leden die dat zelf samenstelden en maakten.
Speaker B:Ja, nee, dat was wel zo. Mijn vader, die... Hij deed dat in eerste instantie en dat was toen een blaadje van vier pagina's.
En dat werd steeds groter en kreeg steeds meer kopij. Toen heeft hij met Koen Willemsen het samen gedaan. Koen zat toen ook in het bestuur, mijn vader zat in het bestuur.
Dus die hadden echt, en ik kan me dat nog heel goed herinneren, die hadden dan plak- en knipsessies bij ons thuis. En dan zaten ze avond, dan zaten ze dat blad een beetje ruwweg in elkaar te knutselen.
En dan ging dat vervolgens naar de drukkerij en daar gingen de mannen dat professioneel in elkaar zetten om het dan te drukken.
Speaker A:Als jij nou kijkt naar die bladen van toen, wat valt jou dan op? Hoe zien die er anders uit dan het blad van nu?
Speaker B:Nou, het mooie is wel als je dan de foto's ziet die erin staan en dat zijn dan zwart-wit foto's. Dat zijn een soort zwarte vlekken waar je dan wel af en toe een gezicht herkent.
En tegenwoordig is het natuurlijk allemaal veel mooier, betere pixels, goede litografie. Dus dat is echt wel de slag die er gemaakt is. Toen was het blad inderdaad zwart-wit met een licht rode steunkleur op een gegeven moment.
Het was zelfs mogelijk om ook vier kleuren te drukken op het omslag. En later is dat helemaal getransformeerd naar het volledige fullcolor blad zoals nu.
Speaker A:Fotografie speelt natuurlijk een belangrijke rol bij het maken van een goed blad. En in die tijd ging dat natuurlijk ook heel anders. Hoe ging dat in die tijd?
Speaker B:Ja, de mensen maakten dan een fotootje met het cameraatje en die gingen naar FOCA en die lieten dat ontwikkelen. En dan ging het naar het secretariaat, van hier heb ik een setje foto's en wat tekst. En Elsa typte dat dan uit.
En dan ging dat met foto's naar ons en die foto's moesten gelitografeerd worden. Nou, dat was best wel een klus in die tijd. Dus er werden niet al te veel foto's gebruikt.
Maar dat was dus het moment dat je er gewoon fysiek een foto in handen kreeg. Het moest ook weer teruggestuurd worden naar de mensen, want die wilden dat in hun album plakken. Dus dat kwam me openkijken, ja.
Speaker A:En vaak viel het ook tegen wat je terugkreeg natuurlijk van de FOCA. Dat lag dan niet aan de FOCA, maar in de wereld van de digitale fotografie is het nu natuurlijk heel anders. Leon, wat merk jij daarvan?
Speaker C:Nou, we zijn nog niet zover dat we retoucheren. Maar dat gaat er misschien met AI wel aankomen, dat er toch mensen wat mooier op de foto's zitten dan ze in werkelijkheid zijn.
Maar als je ziet hoe makkelijk je foto's, hoe makkelijk je die dingen overschiet, hoe makkelijk je daar de kwaliteit van verhoogt. Ja, dat is echt totaal onvergelijkbaar met hoe het gedaan is.
Speaker B:Ja, het was wel zo, op een gegeven moment had je die foto's, mensen maakten een foto met een cameraatje. En die resolutie was dan te laag. En dan zeiden ze bij mij van nou, als we die foto in het blad zetten, wordt het een postzegeltje.
Meer krijgen we niet aan, anders wordt het heel korrelig. Dus gelukkig zijn die telefoons beter geworden. Dus nu zijn alle foto's eigenlijk gewoon wel prima bruikbaar.
Speaker C:Ja, dat is lange tijd niet geweest. Mensen stuurden dan heel vaak fotootjes door van hun telefoon. En eigenlijk was die resolutie nooit goed genoeg.
En nu is dat eigenlijk, Marco heeft me uitgelegd, de HD-knop. Nu zijn eigenlijk al die foto's van goede kwaliteit. Dus je krijgt ook veel meer foto's.
Speaker A:Dat maakt het blad heel aantrekkelijk. Veel verhalen, veel bijdragen van de leden gaan natuurlijk over avonturen en over prestaties op het water, roeien en zeilen.
En die bijdragen die leveren ze dan bij jou aan, Leon. En hoe gaat dat proces dan?
Speaker C:Nou, ik stuur iets rond en dat heet de opwekking. En het klinkt een beetje als een evangelisch genootschap, maar dat is het toch echt niet.
Dus de opwekking gaat naar de vaste schrijvers en mensen die regelmatig dingen toevoegen. Ook het bestuur wordt altijd ingekopieerd. En vervolgens zit daar een deadline aan vast. Daar proberen we heel streng op te zijn.
Meestal is het zo dat op of net na die deadline de meeste dingen ingeleverd worden. En dan komen er uit allerlei hoeken en gaten ook nog mensen die allerlei mooie artikelen hebben... Die ze ook graag afgedrukt willen zien in het blad.
Dus dat is een beetje het proces hoe dat gaat.
Speaker A:Hebben jullie dan ooit wel eens een bijdrage ontvangen waarvan je dacht... Een foto of een tekst, dit kunnen we echt niet plaatsen.
Speaker B:Dit is wel eens gebeurd, maar dan... We zitten vol, we schuiven door naar het volgende nummer. Ja, zo. Vergeten.
Speaker A:Nou kwamen jullie net al bij elkaar rond een proefdruk voor het aankomende nummer. Wat zijn nou de momenten in het maakproces waar je ook wel wat stress ervaart of waar je juist ook heel veel plezier aan beleeft?
Speaker C:Ja, stress eigenlijk niet zozeer, want we zijn natuurlijk een volledig op elkaar ingespeeld team.
Speaker B:Absoluut.
Speaker C:We hebben Marco op de drukkerij. Die kun je absoluut niet gek maken. En daar hebben we een hele grote steun aan.
Speaker A:Ja, want Marco is de professional die het helemaal in elkaar zet en zorgt dat het er zo fantastisch uitziet.
Speaker C:En dat is een heel proces wat heel geolied loopt. Dus qua stress valt het eigenlijk de meeste stress is dat een aantal mensen onze zaken beloofd hebben en die nog steeds moeten insturen.
En er is natuurlijk verschil in de verschillende geledingen van de vereniging of die bereid zijn om dingen te schrijven. Je hebt een aantal geledingen van de vereniging. Bijvoorbeeld de rivierroeiers die leveren altijd koopij.
En die doen dat heel enthousiast en heel veel. Maar je hebt ook geledingen, net bijvoorbeeld de wedstrijdroeiers. Die kunnen nog wat meer aanleveren. Ja, die zouden wat meer kunnen aanleveren.
Speaker B:Misschien moeten ze winnen. Want dan hebben ze leren om een goed artikel te schrijven.
Speaker C:Ja, dat zou heel goed kunnen.
Speaker A:Tegelijkertijd van de wedstrijdzeilers bijvoorbeeld, krijg je ook veel binnen, vertelde je me.
Speaker C:Ja, wedstrijdzeilers sturen ook heel veel. En daar heeft de Maas als vereniging natuurlijk ook heel veel tijd en energie en geld ingestoken. En daar zie je dat dat ook vruchten afwerpt.
En op een of andere manier denk ik ook dat de zeilers beseffen dat ze afhankelijk zijn van de vereniging of van sponsoren, dus dat ze wat meer naar buiten treden. Dus mijn gevoel is dat die al van vroeg aan zeg maar meer artikelen schrijven dan anderen.
Speaker A:Toch valt op als je door het blad bladert dat de mix tussen roeien en zeilen heel erg goed is. Sturen jullie daar actief op?
Speaker B:Nee, niet direct actief. Maar ja, natuurlijk met roeien heb je altijd doorgegaan sinds het jaar heel veel activiteiten.
En dat is denk ik nu wat minder, maar je had vroeger heel veel tochten. Dus er waren altijd tochten en daar kon je een leuk verhaaltje over schrijven. Dus dat was altijd het moment dat de kopij binnenkwam.
En dat is nog steeds zo met het zeilen. Heb je natuurlijk ook wel wat tochten. De Pimiltocht, waar altijd over geschreven wordt.
Dus het is wel grappig als je door de jaren heen gaat bladeren. Dan zie je altijd in het tweede nummer een verhaal over de Pimiltocht. Die is elk jaar. Dat is wel mooi.
Speaker A:Ja, en heel veel leden kun je ook volgen. Als je door dat boek heen bladert, dan zie je mensen eerst als jongeling en dan als vader. En vervolgens als grootvader.
Zitten er bijdragen tussen waarvan je denkt... ...Nou, die hebben eigenlijk wel historische waarde inmiddels.
Speaker B:Ik denk sowieso Leon zijn voorwoorden.
Speaker C:Die zijn legendarisch, ja. Van de redactie. Dat zijn eigenlijk allemaal pareltjes zou ik het willen noemen.
Speaker A:Daar kun je de hele tand destijds aan ophangen, aan herkennen.
Speaker C:Ja, dat zijn dingen die maak je maar eens mee.
Speaker A:Maar zijn er dingen die, artikelen bijdragen waarvan je later zegt, hé wat leuk om te zien. Bijvoorbeeld van iemand die later overwinningen behaalt en die al eerder... Nou een stuk.
Speaker B:Leuk als je terug zou bladeren is naar de carrière van Marieke Keijzer. Hoe die als jeugdlid ging roeien en binnen de vereniging wat ging winnen en toen... Nationaal, internationaal, olympisch.
Dus die hele lijn, die vind je dan wel terug. En dat is denk ik wel leuk. En dat zie je met de zeilers ook. Dat hele Rost-team, waar je de jonge zeilers ziet.
Met Lauren van Veen en die dan nu opeens gewoon een professioneel zeilster is geworden. Dus dat is wel... Ja.
Speaker A:En dat is heel mooi om dat te volgen. Dan kun je ook nog een keer terugpakken. Kijken hoe zo'n carrière, zo'n topsportcarrière eigenlijk tot stand komt.
Jullie verzamelen al die bijdragen, teksten en foto's van leden. Marco gaat er dan op de drukkerij professioneel mee aan de slag. Die maakt er een mooi blad van. Dan krijgen jullie eerst nog die proefeditie.
Dus de proefdruk. Wat doe je op basis van die proefdruk?
Speaker C:Nou, we kijken in eerste instantie of alles erin zit. Want we krijgen inmiddels zoveel dingen aangeleverd dat het altijd wel een uitdaging is om goed bij te houden of alles er ook in zit.
Dus dat is het eerste waar ik dan naar kijk. Vervolgens samen met Berend kijken we hoe het qua layout uitziet.
Of de dingen nog moeten veranderen of dingen moeten verschuiven of de volgorde anders is. Of dingen naar voren moeten halen of meer balans moeten brengen. Dat zijn een beetje de dingen waar wij naar kijken.
Speaker B:Maar Marco gooit hem eigenlijk ruwweg erin. Dat is eigenlijk wat hij doet. Wel opmaaktechnisch, maar grofweg zit het erin. En dan is de controle van staat alles erin?
En daarna gaat hij het ook weer fine tunen. Dus dan gaat hij nog extra creativiteit erin brengen. Nog een beetje schuiven. En ik overleg dat dan met hem.
En uiteindelijk De volgorde is altijd wel grappig op het laatst, want hij print hem dan één keer uit op losse A4'tjes. En dan ga ik zitten husselen wat ik dan leuk vind, wat als eerste moet komen en dan dat artikel en daarna dat. Dus zo maak je zo'n blad een beetje.
Bijvoorbeeld het laatste nummer hadden we die prachtige foto met een spread in het midden. Het is leuk als die in het hart zit, want dan heb je gewoon een mooie ...overview van z'n programma.
Speaker C:Je mag je bed hangen.
Speaker B:Ja, dan kan je uitscheuren en inluisteren. Maar dat is wel grappig, dat je dat op het laatste moment doet. En je vroeg net over die stress.
Nou, ik heb acht jaar lang stress gehad van het Maas nieuws. Want het belangrijkste artikel is natuurlijk het voorwoord van de voorzitter. En dat was Jacob van der Goot, ook acht jaar.
En die presteerde altijd om dat best wel laat in te leveren. En dan appte ik hem en ik zei, Jacob, we gaan morgen zakken. Dat is natuurlijk vanuit de krant en Jacob vindt dat altijd wel mooi.
We zakken en dat betekent we gaan drukken. Dus ik moest dan dat voorwoord hebben. Hij wist het altijd zo te regelen dat het toch net weer iets later was.
Dus we gingen dan wel zakken, maar dan zakten we achterstevoren. Dan begonnen we met de laatste katerne. En als laatste was dan het stukje van Jacob.
Speaker A:De proefdruk die zojuist voor lag voor jullie, had de vereniging opeens een beschermheilige gekregen. Je hebt ook van die kleine typfouten of vergissingen die je ook op dat laatste moment nog eruit haalt.
Komt het ook wel eens voor dat je zoiets over het hoofd ziet en dat het dan verspreid is dat je denkt, oh jeetje joh, wat jammer dat dit zo instaat.
Speaker C:Ja, ik zie het als mijn taak om de D'tjes en de T'tjes goed te zetten, zeg maar. En je merkt dat dat lastiger wordt voor leden.
Dat dat onder de invloed van waarschijnlijk social media wordt er nog heel veel vint met D't geschreven. Ja, dus daar moet je wel echt op letten. En ik probeer dat ook, maar dat is wel heel veel werk. En soms...
Zie je wel eens dit net, dat is deze beschermheilige. Die had ik ook even niet gezien. Moest het namelijk beschermvrouwen zijn. Prinses Beatrix is een prachtige vrouw, maar het is geen heilige.
Speaker A:Wat ik mooi vond en niet wist, is dat het blad zichzelf volledig bedruipt. Is het moeilijk om dat voor elkaar te krijgen?
Speaker B:Nou ja, uiteindelijk, het grappige is dat destijds kwam het idee om misschien met advertenties te gaan werken. En dat was natuurlijk binnen bestuur. Vloek in de kerk. Ja, was dat echt vreselijk.
Speaker A:Dat hoorde niet bij een nette vereniging.
Speaker B:Nee, dat kan niet. Zo'n nette netblad, daar ga je toch geen advertenties in zetten. Maar uiteindelijk hebben ze het wel toegelaten.
Het mochten alleen maar leden zijn die mochten adverteren. Heineken mocht dan wel adverteren, die stond dan achter op het blad.
bij mijn vader ging werken in:De helft van het jaar zat hij op zee, op een boor eiland. Dus er viel weinig te leuren daar. Dus Garland zei tegen mij, ik heb een goed idee. Vanaf nu ben jij degene die de advertenties gaat leuren.
Dus dat ben ik toen maar braaf gaan doen. In het kader van, dan is het dichtbij. En dat doen we eigenlijk nog steeds. Dus inmiddels is het helemaal oké dat we advertenties hebben.
We hebben wel een verhouding, één staat tot vier. We sturen het blad natuurlijk altijd ook naar de andere verenigingen. En dan had je contact met die verenigingen.
Die zeiden altijd al van, jeetje, we zijn wel jaloers op jullie blad. Want hoe doen jullie dat? En hoe goed is dat? En jullie zullen wel een hele grote redactie hebben. Nou, we zijn met z'n tweeën.
Dezelfde redactie van acht man of zo.
Speaker A:Er wordt ook een Maas Nieuwsprijs uitgereikt. Hoe is die ontstaan?
Speaker B:Ja, dat was wel grappig, want dat was volgens mij toen meneer Dieleman, die was bestuurslid, een zeiler. En die vond het blad natuurlijk echt wel goeie en werd steeds beter.
En die had toen bedacht bij zijn afscheid van ik geef een prijs aan de vereniging voor de jeugd die een mooie bijdrage heeft geleverd. Voor het Maas nieuws. Dus hij had die prijs uitgereikt aan mij zelf.
Speaker A:Ja, de eerste editie, die woon jij meteen.
Speaker C:Noord-Korea aan de Maas.
Speaker A:Ja, maar dit was tijdens de AOLV. En jij was toen nog een jeugdig Maas.
Speaker B:Ja, ik was zestien of zo.
Speaker A:En hoe vond je dat om bij de AOLV zo'n prijs te ontvangen? En waar had je dat stuk over geschreven?
Speaker B:Nou, dat was wel grappig. Ik had een stuk geschreven over het ZZZ. Het was toen nog helemaal leuk.
Het bestaat nog steeds overigens, maar daar hadden we gewoon een mooie vierdaagse zelftocht. We gingen naar Blankenbergen met allemaal jonge maasleden en drie schepen van leden.
Nou, er werd dan gevraagd wie kan daar een verslag over schrijven. Nou ja, aangezien mijn vader de drukker was, die zei, jij gaat dat artikel schrijven, dus ik heb dat braaf gedaan.
En als troostprijs kreeg ik dan de Maasnieuwsprijs. En die werd jarenlang uitgereikt aan jeugdleden, maar op een gegeven moment zag je wel dat de jeugdleden ook, die gingen niet meer schrijven.
En toen heeft Meijer het Sprenger, want ik heb met Meijer ook wel ruim twintig jaar lang het Maasnieuws samengedaan. Dus voor Leon. En Maynard die had er steeds meer moeite mee, want die zei ook, ja we hebben geen jeugdleden meer.
En die uitreiking vond plaats op de roeiers en zuilersmaaltijd. En toen heeft hij hem eigenlijk omgebouwd tot een algemene maasnieuwsprijs. En dat was dan gewoon aan een lid. Die een super bijdrage had geleverd.
En dat was des te makkelijker, want er waren veel leden die gingen een jaar zeilen en dan hadden ze mooie artikelen. Kees van Hus heeft een keer gewonnen, omdat hij altijd een mooi artikeltje inlevert. Nou, zo zijn er vele prijswinnaars.
Maar de prijs wordt nog steeds uitgereikt. Michiel Lampe heeft over de laatste editie gewonnen, want die heeft veel bijdrages geleverd vanwege het zeilen in Barcelona.
Speaker A:Je ziet dat zo'n blad zich ontwikkelt door de tijd heen. Wat zegt dat over de ontwikkeling van de vereniging?
Speaker C:Nou ja, je ziet, we proberen met het, hoewel het natuurlijk eigenlijk een heel antiek medium is, een blad maken. Het heeft een beetje de geur van de schoolkrant van vroeger. Proberen we toch mee te gaan in de vaart der volkeren.
We hebben altijd, ook toen wij in het bestuur zaten, was het altijd van je moet relevant blijven. Dus je ziet ook wel in het Maas nieuws allerlei dingen, bijvoorbeeld als QR-codes verschijnen.
Dat we proberen ook in te spelen op nieuwere generaties die niet gewend zijn om zo'n glossy magazine te lezen. Dus uiteindelijk proberen we dat Maas nieuws wel aan te passen de huidige tijd.
Speaker B:Je hebt natuurlijk ook gewoon de social media waar als er een roeiwedstrijd is. Staat binnen een uur staat de winnaar op de social. En daar kan je als Maasdienst natuurlijk never nooit aan tippen.
Dus qua actualiteit willen wij dat ook helemaal niet zo zijn. Het is meer dat je het leuk vindt om een achtergrondverhaal, iets meer tekst, dat je gewoon zegt ik neem de tijd om het te lezen.
En ik hoor wel dat de oudere leden met name dat ook gewoon ontzettend leuk vinden. Die zijn blij met zo'n blad. Hoeven ze niet naar de geraniums te kijken, maar kunnen ze het blad lezen. Nou, dat is hartstikke leuk.
Speaker C:En dat was volgens mij ook de oorspronkelijke opdracht toen het ooit opgericht is.
Speaker B:Het was mooi, want op een gegeven moment hadden mijn en Nick een afspraakje met de penningmeester. Ik meen dat dat Rob Nijband was destijds. En Rob die zei van, nou jongens, het maatstuk is hartstikke goed.
En we hebben het eventjes bekeken en de kosten, wat krijgen we binnen, advertenties. En toen zei hij van, ik zou het eigenlijk wel fijn vinden als we het blad gewoon kostneutraal kunnen krijgen.
Want nu heb je zoveel advertenties, maar het blad kost zoveel. Dus de vereniging doet een bijdrage. Toen moest ik weer met mijn aktertas langs de deur om advertenties te gaan verkopen.
Dat lukte best aardig, maar eigenlijk sinds die tijd, en ik denk dat dat nu al 15 jaar is, zijn we daar zeer goed in geslaagd. Daardoor is het blad helemaal kostneutraal, dat is wel leuk.
Speaker A:In Rotterdam heb je veel nieuwjaarsrecepties waar iedereen elkaar treft en daar maakte je ook graag gebruik van?
Speaker B:Ja, die receptie van ABN Amaro was toen heel mooi. Het Grote Hondensgebouw had je ook van die weenkomst. Dus in het begin van het jaar kwam je iedereen weer tegen.
En die hadden dan een lekkere glas champagne of een witte wijntje op. En ik zei, hé Piet, doe je weer mee als adverteerder dit jaar? Oh ja, ja, is goed hoor. Ik zei, hup, oké.
Nou, zo had ik binnen twee weken de boys op het lijstje staan. En iedereen. En eigenlijk tot nu toe, het is wel ontzettend leuk, maar... Zoals Van Uden, was één van de eerste adverteerders.
Postenkool, één van de eerste adverteerders. En die staan er nog steeds in.
Speaker A:Dus dat is wel... Sinds de start werd het blad gemaakt door een klein bevlogen team. Jouw vader Ferry, Koen Willemsen, Evert-Jan van den Berg, Meijnerd Sprenger.
Die mogen we natuurlijk niet onbenoemd laten.
Speaker B:Absoluut niet.
Speaker A:Wat hebben zij voor Maasnieuws betekend?
Speaker B:Nou, superveel hoor. Want kijk, mijn vader was niet zo'n schrijver voor het Maasnieuws.
Maar bijvoorbeeld Koen Willemsen, die had echt wel ideeën en die schreef ook wel een rubriek uit de oude doos. Dus die haalde dan oude artikelen op. Jarenlang heeft hij twee of vier pagina's gevuld op de historie van de vereniging.
En later, toen wij in:En daardoor vond ik het ook leuk toen ik aan het bestuur ging om alle Maasnieuwsen in te binden in boeken en die liggen nu hier voor ons. Maar dat is wel een stukje historie die we gewoon zo bij de hand hebben.
Speaker A:Meinhard Sprenger die stopte na twintig jaar, een paar jaar geleden. Jullie maakten een speciale editie van Maas nieuws speciaal voor hem. Wat stond daarin?
Speaker B:Ja, dat was ontzettend leuk. Dat hadden we wel eerder gedaan. Mijn vader heeft op een gegeven moment ook gezegd van ik stop ermee. Ik draag het stokje over aan Meijnard.
Toen hebben we een soort Lieber amicorum gemaakt. Gewoon leuke verhaaltjes. En dat was toen nog wel een beetje amateuristisch, maar bij Meijnard...
Dan hadden we nog een veel grotere groep, nog levende oud-bestuursleden, levende redactieleden. En dat was een ontzettend leuk nummer geworden, waar iedereen een bijdrage heeft geleverd. We hebben toen een ontzettend leuke lunch hier gehad.
En Meijnard werd goed in het zonnetje gezet. Het jaar later werd hij ook nog benoemd tot lid van Verdiensten, dus dat kon niet om.
Speaker A:Wie zijn de vaste bijdragers aan het blad?
Speaker C:Meinhard ten Onderhand is inderdaad een vaste bijdrage, Kees van Hussen.
En eigenlijk, als je naar de rivierroeiers kijkt, of naar de zeilers, de Westridszeilers met name, dan is dat altijd wel, de Westridszeilers is Rost, het team van Rost duurt altijd wat in. De golftafel ook, ja. En sinds een tijd ook de wijntafel.
Speaker B:Best veel tafelhouten zitten er wel in.
Speaker C:Best veel tafelhouten. Heel veel verschillende flessen zie ik voorbijkomen. Waar ook de labels allemaal goed van moeten staan.
Er komen meestal ook vier of vijf verschillende versies voorbij. Maar dat zijn wel de vaste schrijvers.
Speaker B:Wat ik jammer vind is toch de sociëteit zelf. Niet de sociëteitscommissie, maar puur het bedrijf hier. En dat hebben we vaak al gezegd, dus dat is eigenlijk aan Max en zijn team.
Hoe leuk is het om, ik weet dat Jan Donker, die deed dat altijd best wel redelijk trouw en dan gaf hij weer een leuk recept. Maar ook het personeel eens in het zonnetje zetten. Dat zijn best wel belangrijke dingen, ook in zo'n blad. Dus dat missen we wel een beetje.
Maar ook bijvoorbeeld van de rotte, hoe daar gaat van de mensen die er werken. Daar mis je wel eens af en toe een beetje de connectie.
Speaker A:Maas Niels wordt gemaakt in de drukrij van jouw familie. Jij bent de vijfde generatie ondernemer. Jullie bedrijf bestaat al meer dan 200 jaar.
Hoe ervaar je jouw verschillende rollen bij de totstandkoming van het blad?
Speaker B:Ja, dat is best gek, want je hebt verschillende petten op. Je bent lid van de vereniging, je bent leverancier van de vereniging door drukwerk te maken. Je bent redacteur van een eigen blad.
Speaker A:Advertentieverkoper.
Speaker B:Advertentieverkoper. Het zijn wel heel veel draadjes bij elkaar. En ik vond dat ook best wel lastig toen ik in het bestuur werd gevraagd. Toen zei ik, waar is dat dan niet?
Dan ben je ook nog een keer bestuurslid en de secretaris is verantwoordelijk voor het Maasnieuws. Dus ik had altijd gesproken met mezelf, gaat het wel goed? Ja, het gaat goed.
Nee, maar dat was wel even een punt dat ik dacht, moet ik dan wel secretaris worden? Maar toen zei Jacob, joh donderd, het gaat gewoon al jaren zo goed en niks aan de hand.
En ik had natuurlijk met Elsa daardoor ook een super contact, want we hadden dagelijks contact. En dan met het Maasnieuws was zij natuurlijk ook gewoon heel dichtbij, dus super.
Speaker A:Tot slot over de toekomst van Maasnieuws. Wat gaan jullie doen met AI of wat doen jullie al met AI?
Speaker C:Nou ja, onze droom is natuurlijk dat de leden de artikelen schrijven en dat wij die allemaal door chat GPT trekken. En dat die helemaal foutloos dan en gezet met prachtige AI gemaakte foto's verschijnen. Dat is onze droom.
Maar ik vrees dat dat nog wel een tijdje gaat duren.
Speaker B:Nou, we gebruiken het wel hoor, af en toe. De laatste nummers, de AI-kenner, onder ons, die zullen dat misschien wel herkennen.
Bij Kees van Hussel hadden we een keer een foto laten maken door AI.
Speaker A:Met Wuiven van der Riet.
Speaker B:Met Wuiven van der Riet, precies. Goeie lezer ben jij inderdaad, van het blad. En het vorige nummer bij Arnoud, een introductietekstje, daar hebben we ook een fotootje gemaakt.
Nou ja, maar dat is toch een beetje herkenbaar als AI.
Speaker A:Ja, daar zag je de sociëteit met de kenmerken op het groene dak. Maar verder waren er wel wat stijlkenmerken weggevallen ook.
Speaker C:Promptmanagement was nog niet helemaal volbracht.
Speaker A:Tegelijkertijd, mensen lezen minder. Dat zie je bij jongere generaties. Wat betekent dat voor een verenigingsblad?
Speaker B:Ja, dat weet ik ook niet. We hebben op een gegeven moment wel een keer een enquête gehouden. Hoe werd het blad gelezen? Nou, dat was best positief.
En misschien moet je over vijf jaar weer eens een keertje zeggen, we gaan het eens tegen het licht houden. We vinden de leden het nog steeds leuk om een blad te hebben. Maar so far, so good, denk ik.
Speaker C:Ja, ik denk dat het toch voor een... Want meestal wat je toch ziet, is dat mensen of roeier zijn, of sociëteitslid. En in een aantal gevallen zijn ze alle twee.
Maar ik denk wel dat dit het samenbindende iets is. En waar je ook op een relatief makkelijke manier kan zien wat er verderop in deze vereniging gebeurt.
Want ook ik sta iedere keer als ik die artikelen krijg, dan lees ik ze. Dan denk ik, joh, er wordt toch wel heel erg veel gedaan bij deze vereniging.
Als ik zie alle tochten die geroeid worden, alles wat gezeild wordt, alle wedstrijden. En dit is wel de manier. Dat zijn dingen die je anders niet zou weten, omdat het in het Maasnieuws terechtkomt. Weet je daarvan?
Speaker B:Ja, bijvoorbeeld zoals nu in het komend Maasnieuws staat een artikeltje over een bezoek wat wij als oud-bestuursleden hebben gebracht aan Parijs, aan de Autobuurclub. Daar hebben we wat mooie foto's en als je dat leest, Dan denken ze, dat is leuk, daar moet ik ook een keer naartoe gaan.
Dus Erik, als jij naar Parijs gaat, dan ga jij de volgende keer naar de automobielclub De France. Dan heb je een fantastische middag.
Speaker A:Zeker, ik verheug me daarop. En ik ben, net als jullie, ervan overtuigd dat ook over 20 jaar Maasnieuws nog steeds ons lijfblad gaat zijn.
Erg mooi om een kijkje te krijgen achter de schermen. Heel veel dank voor dit gesprek.
Speaker B:Graag gedaan. Wij blijven doorgaan.