De nieuwe podcastserie ‘Boegbeelden & Bliktrekkers’
Aflevering 1: 175 jaar historie van De Maas
(met Evert Jan van den Berg, Siep Wijsenbeek, interviewer Erik Peekel en Podcastmaker Rik Bouman)
In deze eerste aflevering van ‘Boegbeelden & Bliktrekkers’ duiken we in de rijke geschiedenis van de Koninklijke Roei- en Zeilvereeniging De Maas, één van de oudste en meest iconische watersportverenigingen van Nederland.
Presentator Erik Peekel gaat in gesprek met Evert Jan van den Berg en Siep Wijsenbeek. Podcastmaker Rik Bouman zorgt voor de juiste uitwerking. Hoe zag Rotterdam eruit in 1851 en wat was de cruciale rol van Prins Hendrik de Zeevaarder bij de oprichting
In deze aflevering ontdek je:
Of je nu een gepassioneerd zeiler bent, een fanatieke roeier of een liefhebber van de Rotterdamse historie; dit gesprek werpt een uniek licht op het DNA van 'De Maas'.
The podcast delves into the illustrious history of the Royal Rowing and Sailing Society de Maas, a venerable institution that has fostered connections between the city of Rotterdam and its waterways for an impressive 175 years. I engage in a comprehensive dialogue with esteemed guests Evert-Jan van den Berg and Siep Wijsenbeek, who elucidate the origins of the society and its architectural marvel. As we traverse the narrative of the society's evolution, we uncover its transformation from a modest rowing club into a social nexus for both rowing enthusiasts and the wider community. The discussion further illuminates pivotal moments in the society's timeline, including its adaptation during historical upheavals and its role in cultivating a familial atmosphere among its members. Ultimately, we reflect on the enduring significance of the society, underscoring the water as a persistent element that binds generations of members together in their shared passion for maritime pursuits.
An exploration of the Sociëteit van de Koninklijke Roei en Zeilvereniging de Maas, situated in the picturesque heart of Rotterdam, reveals a storied legacy entwined with the maritime history of the city. Established 175 years ago, this esteemed institution stands not merely as a club for rowing and sailing but as a cultural nexus where prominent figures converge, fostering both athletic and social endeavors. The episode features an enlightening dialogue between Erik Pekel and his guests, Evert-Jan van den Berg and Siep Wijsenbeek, as they delve into the origins and evolution of the association, illuminating the architectural significance of its clubhouse, designed by the renowned architect Jürgen Stihl. The discussion traverses the transition from modest beginnings to the establishment of a prominent societal fixture, emphasizing the dual role of the building as a venue for sporting excellence and a social gathering place for the community. The conversation also encapsulates the architectural nuances of the clubhouse, highlighting its Art Deco influences and the striking green roof, a unique feature that enhances its visibility from the water. The guests elucidate the rich tapestry of events that have unfolded within these walls, where rowing competitions and social gatherings have historically intertwined, creating a vibrant atmosphere reflective of Rotterdam's maritime culture. The sociëteit’s transformation throughout the decades is a testament to its adaptability and resilience, mirroring the city’s own evolution alongside its waterways. In recounting the sociëteit's illustrious past, the episode invites listeners to appreciate the significance of this institution in the context of Rotterdam's development. With anecdotes that span from the inaugural rowing competitions to the impact of historical events, the narrative weaves together the personal stories of individuals whose lives have been enriched by their connection to the Maas, culminating in a profound understanding of the association's enduring legacy and its pivotal role in fostering community ties around a shared love of water sports.
Takeaways:
Companies mentioned in this episode:
In het hart van Rotterdam, op een van de mooiste plekken van Nederland, ligt de Sociëteit van de Koninklijke Roei en Zijlvereniging de Maas.
Speaker A:Al 175 jaar een icoon dat de stad en het water met elkaar verbindt en waar boegbeelden en bliktrekkers samenkomen.
Speaker A:Mijn naam is Erik Pekel en in deze aflevering ga ik in gesprek met Evert-Jan van den Berg en Siep Wijsenbeek over het allereerste begin van de vereniging en de rijke geschiedenis die volgde.
Speaker A:Evert-Jan, jij schreef het boek over de geschiedenis van de vereniging.
Speaker A:We zitten hier in de bestuurskamer van de sociëteit.
Speaker A:Wat moeten we eigenlijk weten over dit gebouw?
Speaker B:Nou, om te beginnen dat het een architectonisch icoon is.
Speaker B:Ik heb er niet echt verstand van, maar het is van Jürgen Stihl of Art Deco.
Speaker B:En van de architect Hoyka's voor wie dit wel zijn mooiste bouwwerk ooit is geweest.
Speaker B:Qua kleuren en layout en dat soort dingen.
Speaker B: je moet weten dat dit pas van: Speaker B: En voor: Speaker B:En dit gaat natuurlijk een stap verder.
Speaker B:Dit heeft naast clubhuis voor roeien en zeilen, met loodsen hiernaast in het water waar de boten lagen.
Speaker B:Roeien en zeilen.
Speaker B:Is het ook een sociaal trefpunt geworden.
Speaker B:Voor niet roeiers en niet zeilers, maar voor mensen die hier op het terras willen zitten.
Speaker B:wat een tijd lang heel frequent voorkwam, het lunchen op de Maas.
Speaker A:Dat was echt een begrip in zakelijke Rotterdam.
Speaker A:Steve, wat heel erg opvalt, het is een heel markant gebouw en als je aankomt fietsen of lopen of rijden, dan zie je dat groene dak.
Speaker A:Waarom dat groene dak?
Speaker C:Dat is voor de zichtbaarheid.
Speaker C:Het is het enige groene dak in Rotterdam.
Speaker C:En om goed te kunnen zien hoe je naar de sociëteit kwam, vanaf het water, is dat groene dak felgroen gemaakt en die dakpannen zijn speciaal voor dit gebouw gemaakt.
Speaker C:Hoikaas, overigens, is wel leuk om te zeggen.
Speaker C:Als je hier binnenkomt, het is net een kerk, maar dat is een kerkenarchitect.
Speaker C:Hij heeft bijvoorbeeld ook de Koninginnenkerk gemaakt en dat is dit in het klein, deze zaal.
Speaker C:Dus wat dat betreft kun je hem nog zien in zijn volle glorie.
Speaker C:Maar dat groene dak is natuurlijk ongelooflijk mooi en opvallend.
Speaker A:En als we dan in het gebouw kijken dan vinden we daar heel bijzondere stukken zoals het schilderij van een roeiwedstrijd direct in de ontvangsthal.
Speaker A:Wat zien we op dat schilderij?
Speaker B: zien we een roeiwedstrijd uit: Speaker B:Toen bestond de Maas als Maas nog niet.
Speaker B:Dat was toen nog de roeivereniging Amistitia.
Speaker B: Nederlandse Jachtclub, die in: Speaker B: maar die al wel tussen: Speaker B:Dat was een ideaal van Prins Hendrik die die jachtclub heeft opgericht.
Speaker B: met de eresloegroeiers die in: Speaker B:En van die eerste roeiwedstrijd die voor de parkkade plaatsvond.
Speaker B:Die tribune die je ziet is waar nu de parkkade is.
Speaker B:Dat is de eerste en als je ziet wat er gebeurt.
Speaker B:Buiten gewoon bij de bevolking populair happening.
Speaker B:Heel veel mensen, heel veel bordjes, vlaggen, wimpels, grootfeest.
Speaker A:Het lijkt wel de Olympische Spelen, ontzettend veel mensen op een gigantische tribune.
Speaker A:Je ziet in de sociëteit staan objecten en ook zilveren bekers.
Speaker A:Kun je een paar bijzondere stukken benoemen?
Speaker C:Ja, laten we beginnen met Hendrik de Zeevaarder.
Speaker C:De prins Hendrik die net genoemd is.
Speaker C: In: Speaker C:Hij is wel geteld één keer in Rotterdam geweest.
Speaker C:Hij is toen onthaald met de Ere Sloep.
Speaker C:En heel mooi als je kijkt wie er in die Ere Sloep zaten, dat was toen de bestuurlijke elite van Rotterdam, de jonge zonen daarvan.
Speaker C:En als je die namen kijkt, Kun je bijvoorbeeld in het boek zien, dan zijn dat gewoon allemaal mensen die nog lid zijn.
Speaker C:Diezelfde families komen terug.
Speaker C:Dat is ook typisch het Maas DNA.
Speaker C:Hendrik de Zeevaarder, hij is de zoon van Willem II.
Speaker C:Wel een echte Rotterdamse Oranje.
Speaker C:En de enige Oranje die ook in Indonesië geweest is.
Speaker C:In Suriname.
Speaker C:Hij heeft de hele wereld rondgevaren.
Speaker C:Want hij werd om tienjarige leeftijd al bij de marine gestationeerd, als een grootvader, om die marine goed te gaan opbouwen.
Speaker C:En een van de dingen die je natuurlijk nodig hebt is bemanning.
Speaker C:En dat was een van de redenen voor het oprichten van de Koninklijke Jotclub.
Speaker C:Om officieren op te leiden in het zeilen.
Speaker C:Een ander prachtig object staat hier voor ons op tafel.
Speaker C: nt het is een heel mooi stuk,: Speaker A:Die Neptunus zien we liggen.
Speaker C:Ja, hij komt uit Antwerpen.
Speaker C:Die hebben we gekapen met een wedstrijd, een roeiwedstrijd tegen de Royal Antwerpen.
Speaker C:En het is een prachtig stuk.
Speaker C:Grote marmeren sokkel met een bronzen Neptunus erop.
Speaker C:Leuk om dat eens te kijken, omdat het twee jaar na de oprichting van de Koninklijke Maas is, dat we die roeiwedstrijd al gevonden hebben.
Speaker C:En een prachtige beker erbij.
Speaker C:Er staan hier heel veel mooie bekers.
Speaker C:De mooiste stukken staan in het Rijksmuseum, want daar willen we natuurlijk dat daar goed op gelet wordt.
Speaker C:Maar het is een feest om te kijken altijd.
Speaker C:Dikke aanrader.
Speaker A:Een aantal stukken zijn ook voorzien van een QR-code en als je die dus scant op de sociëteit dan komt eigenlijk dat hele verhaal tot leven.
Speaker A:Hoe is dat gedaan?
Speaker C:Ja, je pakt je telefoon, je scant de QR-code en dan krijg je een filmpje.
Speaker C:En dan wordt er over de verschillende objecten wat verteld.
Speaker C:Misschien is het ook wel mooi om nog te vertellen, er staan hier heel veel scheepsmodellen.
Speaker C:Natuurlijk van de Groene Draak, het jachten van de toenmalige koningin Beatrix, onze Beschermvrouwe.
Speaker C:Ook een prachtig stuk is het jachten de Elise Mathilde, het jachten van D.G.
Speaker C:van Beuningen.
Speaker C:En ik heb me laten vertellen dat het in Brazilië opgehaald is, dit model.
Speaker C:Het heeft de hele wereld overgezworven dat het verkocht is.
Speaker C:Het is in Brazilië opgehaald toen de Nederlandse ambassadeur zag dat het er was en heeft het hier weer terug gehaald en laten restaureren.
Speaker C:Die herkenden het.
Speaker C:Dat is de Elise Mathilde.
Speaker A:We gaan ons verdiepen in de beginjaren van de vereniging.
Speaker A:1851, dat is echt het oprichtingsjaar van de Maas.
Speaker A:Siep, kun jij schetsen hoe Rotterdam er toen uitzag en hoe het leven hier geleefd werd in die tijd?
Speaker C:Ja, Rotterdam was eigenlijk nog klein.
Speaker C:Het was voor de grote uitbreiding in de jaren negentig van de negentiende eeuw.
Speaker C:Dus we hadden het eigenlijk nog over de middeleeuwse stad en het westen was het westen van de stad.
Speaker C:Dus waar we nu zitten in Schiedam was weiland.
Speaker C:Dus daar was nog weinig.
Speaker C:Aan de overkant Katendrecht, daar stonden een paar buitens, maar verder helemaal niks.
Speaker C:Hier was de Veer, daarom heet het hier de Veerhaven, de Veer naar Katendrecht heen en weer.
Speaker C:Dat was echt boerenland.
Speaker C:Dus heel grappig om te zien, ook als je dat op die oude schilderijen ziet met het oude clubhuis, dat staat midden in het groen.
Speaker C:Dat is nu ongeveer waar de tunnel zo'n beetje uitkomt.
Speaker C:Daar stond het.
Speaker C:De stad was nog niet geboemd, maar alle ingrediënten waren aanwezig.
Speaker C:Dus je zag al de eerste stoomschepen, de stoomtreinen begonnen te komen.
Speaker C:Er waren al plannen om de havens uit te breiden, vandaar dat we ook op Katendrecht weg moesten.
Speaker C:En hier bij elkaar kwam de bestuurlijke en de elite uit het zakenleven.
Speaker C:Die gingen hier met elkaar roeien en zeilen en gingen ook met elkaar lunchen.
Speaker C:Er zijn hier heel veel deals gemaakt in die tijd.
Speaker A:Jij vertelde net al over de voorlopers van de vereniging, Amicitia en ook de Ere Sloep.
Speaker B:Ik moet zeggen, uit Amicitia heeft de toenmalige voorzitter Havelaar bedacht dat het te klein en schalig was.
Speaker B:Er waren 300 leden, dus het moest georganiseerd worden.
Speaker B:En daar hebben ze aan meneer Rogersen gevraagd om de nieuwe statuten te schrijven.
Speaker B:En er was behalve schilder ook lid hier, bij Amicitia.
Speaker B:En toen is het bezit.
Speaker B: februari: Speaker A:Je zei net, er werd toen alleen geroeid, maar het werd wel al roei- en zeilvereniging.
Speaker B:Het is een buitengewoon vooruitziende blik van het toenmalige bestuur geweest dat ze dat zeil er meteen tussen gezet hebben.
Speaker A:Visionair.
Speaker B:Dat was er nog niet.
Speaker B: et clubhuis op Katendrecht na: Speaker B: En pas na: Speaker B:De Mazen, waar de havenminister de jeugd mee leerde zeilen.
Speaker B:Maar het DNA is een goede vereniging.
Speaker A:En ondertussen had prins Hendrik de Zeevaarder die Joltingclub opgericht.
Speaker A:En hoe past dat in de geschiedenis van de Maas?
Speaker C:Dat was een zelfvereniging en die is uiteindelijk ten onder gegaan.
Speaker C:Die financiën kregen ze er niet rond.
Speaker C:Het is een prachtig pand.
Speaker C:Gelukkig hebben we dat nog.
Speaker C:Daar heeft een tijd het Wereldmuseum in gezeten.
Speaker C:En het was niet alleen maar een Joltingclub.
Speaker C:Het was ook een verzameling van nautische voorwerpen.
Speaker C:en exotische voorwerpen.
Speaker C:Daarom vandaar dat het ook later het Wereldmuseum geworden is.
Speaker C:Maar die heeft het niet gered en wat dat betreft kwam het heel goed uit dat de Maas ook al het zel in de naam en in de DNA had.
Speaker C:Dus dat is min of meer overgenomen.
Speaker C:Die traditie is ook overgenomen en daar komt het koninklijk ook vandaan.
Speaker A:Ja, en prins Hendrik was toen ook lid hier bij de Maas.
Speaker B:Zeker, ja.
Speaker B:Met de erge roeimoord waar hij zelf in roeide.
Speaker A:En waar werd er op dat moment geroeid en waar werd er gezeld?
Speaker B:Hier voor de deur.
Speaker B:Die Maasbruggen waren er al.
Speaker B:Daarvoor lag een boei, een keerboei.
Speaker B:En er lag een boei voor het toenmalige haventje van Katendrecht.
Speaker B:En wedstrijden werden dus in eerste instantie vanuit de zwemschoolhaven.
Speaker B: Van: Speaker B:Bij de parkkade waar Van Ommeren staat.
Speaker B:Daar hadden we een insteekhaven met drie loodsen en vanuit daar werden roeiwedstrijden om die boeien heen.
Speaker B: Dat was iets van: Speaker B:Later zijn die boeien blijven liggen, maar is er vanuit het clubhuis op Katendrecht geroeid.
Speaker B: er later hier, vanuit hier in: Speaker B:Toen zijn we verhuisd naar andere orden.
Speaker B:Het roeien naar de Schie, het zeilen naar Zeeland en naar de Graafsebos.
Speaker A:Je had het net over Katendrecht al en daarvoor werd er geroeid vanaf de parkkade.
Speaker A:Maar er zaten geloof ik nog een paar stappen tussen.
Speaker A:Hoe is dat gegaan?
Speaker B:Nou het begon dat Amasitia roeide vanuit de Zalmhaven.
Speaker B:Daar was de sloepenbouwer Piet Struik, verhuurde daar los waar de roeierschepen, de Grieken van de Amestitia lagen en dat is zo gebleven toen dat maas werd.
Speaker B: Dat is helaas in: Speaker B:Toen hebben we van de gemeente de zwemschoolhaven ter beschikking gekregen, dat waren drie achter elkaar liggende loodsen in een insteekhaven waar nu Van Ommer is.
Speaker B:Als je goed kijkt in die katen zie je dat er een inhang geweest is.
Speaker B:Dat werd na een jaar of tien ook te klein.
Speaker B:En dan was het probleem met de Great Ocean Streamline die met zijn achterschepen de zwemschoolhaven afsloot.
Speaker B:En dus moesten we wachten tot die weer weg was voor we naar buiten konden, maar goed.
Speaker B:Toen hebben we dus dat verhaal in Katendrecht gekregen van de En dat was een echt clubhuis, gebouwd voor ons met een zeilhaventje erbij en loods en van alles.
Speaker B:Wel al de café-gedachte.
Speaker B:De havenmeester was tevens geprivateerd als Kastelijn.
Speaker B: En dat heeft geduurd tot: Speaker B:En dat hangt samen met de ontwikkeling van Rotterdam, de doorgraven van de nieuwe waterweg, Dominica-Land.
Speaker B:wat een enorme ontwikkeling in de scheepvaart gaf, waarbij Waterstaat bedacht had dat de oevers van de rivier gelijk moesten lopen, waarbij bij ons voor de deur honderd meter zand gestort werd.
Speaker B:Dus we lagen opeens midden in een haventerrein.
Speaker B: s de laatste stap gezet, naar: Speaker B:En toen is het dus wel niet alleen clubhuis, maar ook sociëteit geworden.
Speaker A:Ja, dat was toen we naar de Veerdam over gingen.
Speaker A:Dan weer even terug naar die periode in Katerdrecht, want dat is best een belangrijke en bijzondere periode ook geweest.
Speaker A:Maar Katerdrecht, daar kwam je niet zomaar.
Speaker A:Hoe ging dat in die tijd?
Speaker C:Met de veerboot, want er waren nog geen bruggen.
Speaker C: De eerste Maasbrug is van: Speaker C:de Willemsbrug.
Speaker C:Dus daarvoor was het veer en daar voer je heen en dan kon je daar gaan roeien.
Speaker C:En er zijn legendarische feesten daar geweest met vakoptochten en vuurwerk en al op Katendrecht.
Speaker C:Want ja, daar ontdrok het zich natuurlijk ook een beetje uit het oog.
Speaker C:Dus daar zat je goed.
Speaker C:En als we het over K-Land hebben, volgende keer als je de Maas binnenloopt, kijk even naar links, want daar staat het monument van K-Land.
Speaker C:Stond vroeger op de Koolsingel, staat nu hier op de Veerdam.
Speaker C:Prachtig monument om te memoreren wat wij als Rotterdam allemaal aan hem te danken hebben.
Speaker A:En mensen die konden als ze lid waren van de Maas zomaar mee met dat 4-euro-bootje.
Speaker B:Ja, de president had een afspraak met de 4-euro-baas dat er een eeuwigdurend abonnement voor alle leden was.
Speaker B:Daar werd natuurlijk voor betaald.
Speaker B:En dan kwam je op het Katendrechtse hoofd uit.
Speaker B:En dan moest je nog een kwartiertje door het bos, door de struiken lopen, voordat je bij het clubhuis kwam.
Speaker B:En dat was altijd een groot feest.
Speaker B:Dat was dan versierd met lampionnen en vaccinelichtjes.
Speaker B:Ik weet niet of ze er ook bij zongen, maar dan trokken ze dus over dat pad, door die bosjes, naar het clubhuis.
Speaker A:Maar dat was een bijzondere plek om te zijn.
Speaker A:Ook een beetje geïsoleerd, een beetje je eigen wereld.
Speaker A:Kwamen mensen daar dan vaak?
Speaker A:Hoe ging dat?
Speaker B:Ja, dat heb ik ook wel eens afgevraagd.
Speaker B:We hadden geen fietsen en we hadden natuurlijk al heel erg geen trams.
Speaker B:En er werd iedere dag geroeid.
Speaker B:En dat moest dus lopend.
Speaker B:Of per koets misschien.
Speaker B:Maar toch was het altijd vol.
Speaker B:Ken ik wat het tijdschema lag anders dan tegenwoordig.
Speaker A:De meeste Maasleden woonden in die tijd hier aan deze kant van het water in het gebied rond wat nu de Veerhaven is.
Speaker C:Ja, dat is zeker.
Speaker C:Er zijn een paar buitens op Katendrecht waar ook Maasleden in woonden.
Speaker C:Zeker, het huis van Mees stond daar, het huis van Pinkhoff stond daar.
Speaker C:Die was overigens geen Maaslid, die mocht geen lid worden.
Speaker C:Dat is nog een heel ander verhaal.
Speaker C:En verder woonden de mensen hier in de stad.
Speaker C: ten is natuurlijk pas zo rond: Speaker C:En daarvoor woonden mensen op de Haringvliet of in de Leuvenhaven.
Speaker C:Daar stonden de huizen van de leden van de Maas.
Speaker A:Ja, iedereen is nu natuurlijk meteen benieuwd waarom Pinkhoff geen lid mocht worden.
Speaker B:Omdat hij de zaak belast had.
Speaker C:Daarvoor mocht hij al geen lid worden, omdat hij werd als parvenu beschouwd.
Speaker C:Dat was nieuw geld en daar waren de mensen hier niet van.
Speaker A:Op Katerbrecht, in die periode, werden er toen ook al feesten gegeven.
Speaker B:Ja, dus zoals je dat nu ook nog hebt.
Speaker B:Een voorjaarsbal en een herfstbal en een roeiersmaaltijd en dat soort dingen.
Speaker B:En de algemene ledenvergaderingen, dat speelde zich daar af.
Speaker A: Vanaf: Speaker A:De Maas heeft zich door de jaren heen ontwikkeld ook tot een echte familievereniging.
Speaker A: plitsing van de trekvogels in: Speaker A:Hoe is dat gegaan?
Speaker B: r de roeiloods lagen en sinds: Speaker B:En het bestuur maakte dat niet makkelijker.
Speaker B:Dus die zei op een gegeven moment, weet je wat, we gaan voor onszelf beginnen.
Speaker B: rekvogels hebben opgericht in: Speaker A:We zaten bij de Es, waar nu ook nog het rivierroeien plaatsvindt.
Speaker A:Het gebouw dat Nautilus nu heeft.
Speaker B:We waren toen ook al bevriend met Nautilus en die was dan met Nieuwbouw bezig.
Speaker B:Dat hebben we aangesloten en dat gebouw bestond uit twee delen.
Speaker B:Dat kon je zien.
Speaker B:De ene helft had blauwe kozijnen en de andere helft rode.
Speaker B:En vandaaruit werd het dus door de trekvogels heel actief.
Speaker B:En door dames en heren tegelijk, dat was ook een nieuwtje, dat de dames meededen volwaardig.
Speaker B:En dat ging prima, die wonnenwedstrijden.
Speaker B:Dat heeft tien jaar geduurd.
Speaker A:Toen heeft Willem Ruis de trekvogels weer bij de Maas kunnen trekken.
Speaker A:Hoe is dat gegaan?
Speaker B: n voortwaardig man, die is in: Speaker B: En die heeft in: Speaker B:En toen zei de trekvogels, nou dat is goed, maar één voorwaarde, dameslidmaatschap.
Speaker B:Nou dat gaf hier natuurlijk gemor, maar ze moesten wel, dus dat is toegebeurd.
Speaker A:En de rode broeken, die kwamen ook meteen mee?
Speaker B:Ja, dat kwam...
Speaker B:De maas roeide in het wit, met een blauwe blazer.
Speaker B:En ik geloof een rode sokken.
Speaker B:En een wit petje met een rood kruis.
Speaker B:En de trekvogels roeiden in het rood.
Speaker B:Een rode broek, witte bloes en een rode blazer.
Speaker B:En dat hebben ze toen gecombineerd.
Speaker B:Waar geen van twee het mee eens waren, maar iets anders was het niet.
Speaker B:En toen werd het een rode broek en een blauwe blazer en geen petje.
Speaker A:En de rest is historie, zo is het nog steeds.
Speaker A: Pas rond: Speaker A:Hoe is dat gegaan?
Speaker B:Er werden meer en meer zeilschepen gebouwd voor pleziervaart.
Speaker B:De pleziervaart kwam in opkomst.
Speaker B:En het wedstrijd zeilen op verschillende locaties in Nederland steek, had je al de overeniging Dordrecht, Loosrecht en Kaag.
Speaker B:En niet te vergeten, onze zustervereniging, dus ANHC, dus tekortelijke zeil- en roeivereniging, omgekeerd dus, niet roei en zeil.
Speaker B:Zijl Ahooi Vereniging, eerst in Amsterdam en toen in Muiden.
Speaker B:We waren in zoverre bevriend dat de respectievelijke voorzitters bestuurslid waren bij de anderen.
Speaker B:Hadden dus op hoog niveau contact met elkaar.
Speaker B:Nog steeds is dat trouwens niet dat gedeelde lidmaatschap, maar wel een keer per jaar is er een bestuursoverleg en dan zijn er gezamenlijke activiteiten.
Speaker B: zelfverenigingen in zeg maar: Speaker B:Dus vanaf dat moment was er een landelijke belangenbehartiging voor de wedstrijdzijde.
Speaker B:En toen daar verschillende klassen kwamen is dat weer onderverdeeld.
Speaker B:En dat kwam bij de Maas ook.
Speaker B:En hier waar je nu op uitkijkt, de Veerhaven, was toen de jachthaven van de Maas.
Speaker B:Daar lagen de schepen.
Speaker A:Laten we het gaan hebben over de oorlogsjaren.
Speaker A:Mocht de Maas door met de watersport van de bezetter?
Speaker B:Ja, eventjes.
Speaker B:Maar het eerste jaar, ze voelden maar dat ze geen controle hadden.
Speaker B:Dus toen kregen ze de opdracht om een Duits vriendelijk bestuurslid op te nemen.
Speaker B:En dat is geweigerd.
Speaker A:Door Willem Ruys, die was nog steeds voorzitter.
Speaker B:Door Willem Ruys, die is bij de Duitse artscommandantuur verhaal gaan halen, dat hij dat niet zo goed vond en dat de leden hun schepen die hier lagen, die wilden ze confisceren en daar heeft hij tegen geprotesteerd.
Speaker B:En om die reden is hij toen tijdelijk in de gevangenis gezet door de Duitsers, een aantal maanden.
Speaker B:Daar hebben ze in die tijd toen de hele zaak hier geconfisceerd.
Speaker B: De sociëteit ging in juni: Speaker B:En vanaf die datum werd het Kriegsheim voor de Duitsers dus.
Speaker A:Ja, dus de Wehrmacht kwam hier samen.
Speaker B:Wehrmachtsheim heette het officieel.
Speaker B:Er is nog een foto van ergens een hoek bij de Westersingel met richtingborden.
Speaker B:En daar staat dus, richting Veerdam, Wehrmachtsheimpeil.
Speaker A:Ja, hoe ging het verenigingsleven dan door in die tijd en de watersport ook?
Speaker C:Ja, dat is dus heel raar.
Speaker C:Dat ging gewoon door.
Speaker C:In de eerste oorlogsjaren, als je de foto's ziet, dan is het net alsof er niks aan de hand is.
Speaker C:Dat is denk ik ook van een van de dingen die er nog kon.
Speaker C:Dus dat deed men met elkaar en ook om bij elkaar te komen.
Speaker C:Maar je ziet dat gedurende de oorlogsjaren dat steeds grimmiger wordt en op een gegeven moment niet meer mogelijk is.
Speaker C:Hier zaten de Duitsers.
Speaker C:Die hebben hier overigens de hele wijnvoorraad opgedronken.
Speaker C:Het pand wel in stand gehouden.
Speaker C:Zelfs nog een stukje uitgebouwd.
Speaker C:Wat later dan de moffenzaal genoemd is.
Speaker C:En nu in het gebouw is opgenomen.
Speaker C:En Willem Ruis is drie keer gevangen genomen.
Speaker B:Het was een personality, hij is dus opgepakt omdat hij zich niet naar de wensen van de commandant hier wilde voegen.
Speaker B:En toen die tweede keer is hij opgepakt, een half jaar later, omdat ze hem verdachten van ondergrondse activiteiten.
Speaker B:En dat bleek achteraf, er was van dat Engelands spiel, wat toen vanuit Londen in opkomst kwam, was er hier iemand naartoe gestuurd met een lijstje van belangrijke namen en die was bij Willem Ruis langs geweest of die kon helpen.
Speaker B:Nou, wat er besproken is weten we niet, maar het is ervan niks geworden.
Speaker B:Maar de Duitsers hebben die vanaf later gevonden, plus het briefje van het adres van Willem Ruis.
Speaker B:Toen is hij opnieuw gearresteerd.
Speaker B:Toen is hij in april 42 weer vrijgekomen.
Speaker B:Toen is hij opgenomen voor de derde keer gearresteerd en als gijzelaar in een kamp bij Gorlem, wat daar in de in de bossen staat, een oud klooster waar opvang ooit, gevangenis ooit voor die gijzelaar van gemaakt werd.
Speaker B:Dat was juni 42 en in augustus 42 deed zich hier een overval op het spoor bij de Laurenskerk voor waarbij een militair, dat Duitse trein gepoogd werd van dat bovenspoor wat er liep om die er van af te laten vallen, maar dat is niet gelukt.
Speaker B:De Duitsers waren woedend en hebben gezegd, we willen maandag weten wie dat gedaan heeft.
Speaker B:Zo niet, dan gaan de volgende vijf grijzelaars uit Grijzelden, uit het kamp, ter dood gebracht worden.
Speaker B:Nou, niemand heeft zich gemeld en op dinsdag zijn dus vijf mensen onder Willem Ruis gefusilleerd, 15 augustus.
Speaker A:Zo hebben 29 Maasleden de oorlog niet overleefd.
Speaker A:Wie waren dat verder?
Speaker B:Ja, gewone leden, actieve leden, veel jeugd, jongens, studenten aan de leeftijd, 20 tot 30.
Speaker B:Roeiers die ook nog terug te vinden waren in de lijsten, ledenlijsten, voor zover die er nog waren, van roeiewedstrijden.
Speaker B:die ondergronds gingen en dus bij bepaalde ondergrondse organisaties actief waren, er waren natuurlijk ook een paar die al in de oorlogsdagen van 10 tot 15 mei omgekomen zijn door het oorlogsgeweld.
Speaker B:En dan zijn er een paar, die werden Engelandvaarders gehoord, die met kano's probeerden over te steken naar Engeland om vanaf daar in te zetten voor Nederland.
Speaker B:En dat is gelukt bij een aantal, maar er zijn er ook een aantal verdronken.
Speaker A:Je hebt die 29 maasleden een gezicht gegeven, toch?
Speaker A:In een boekje.
Speaker B: Ja, bij de bestuur van: Speaker B:Dus vrij kort daarna is daar een herdenkingsmeeinkomst voor geweest.
Speaker B:En is er een bronzen plakketten hier in de hal opgehangen met die 29 namen.
Speaker B:Je kunt zien aan de manier waarop dat gegraveerd is dat er drie namen later bijgezet zijn.
Speaker B:Maar dat moet je weten om het te kunnen zien.
Speaker B:En dat heeft daar altijd gehangen.
Speaker B:Tot op een gegeven moment ik bedacht van voor ik weg ben hier moet ik toch op zijn minst zorgen dat we weten wie dat zijn.
Speaker B:En dat is een boekje geworden wat er nu naast hangt en wat je ook kopen kan.
Speaker B:Waar dus die 29 namen een gezicht krijgen.
Speaker A:Na de oorlog kwamen de Maasleden samen om ook die plakketten te onthullen.
Speaker A:Dat was natuurlijk een moment wat hoorde bij het weer oppakken van de draad na de oorlog.
Speaker A:Hoe is dat verder gegaan?
Speaker A:Wat kenschetste die periode?
Speaker C:Dat is een periode van schaarste.
Speaker C:Het pand stond hier nog.
Speaker C:Dus wat dat betreft kon men verder waar men gebleven was.
Speaker C:Maar het was natuurlijk een tijd waar er weinig materiaal was en waar er weinig middelen waren.
Speaker C:Maar zo goed en zo kwaad als het kon is dat opgebouwd.
Speaker C:En het echte wedstrijdzeilen en het echte grote zeilen dat begint eigenlijk pas weer vanaf de jaren 60.
Speaker C:Als er internationale wedstrijden worden gezeld.
Speaker C:En voor die tijd is het hier vooral heel erg lokaal geweest in de jaren 50.
Speaker A:Die grote wedstrijden, daar horen allemaal glorieuze momenten bij.
Speaker A:En dan één naam, die moeten we natuurlijk wel even meenemen in deze uitzending, dat is Conny van Rietschoten.
Speaker B:Zeker.
Speaker B:Tot twee keer toe de snelste zijder van de wereld.
Speaker A:Winnaar van de Whitbread Race.
Speaker B: Ja, twee keer in: Speaker B:En dat is op zichzelf een omslag in het Grootschreeuwse wedstrijdcijfer geworden, omdat hij won door zijn voorbereiding.
Speaker B:Hij was voor het eerst Iemand die het ontwerpen en het bouwen, twee jaar van tevoren, helemaal begeleid heeft.
Speaker B:Die de selectie van de bemanning door een beroepsbureau heeft laten uitvoeren.
Speaker B:Internationale bemanning, ook wel Nederlanders, maar ook van alles.
Speaker B:uit Australië en Engeland.
Speaker B:En die een jaar lang trainingstochten heeft gehouden.
Speaker B:Dus iedereen wist precies hoe het zat.
Speaker B:En er waren twee voorschriften.
Speaker B:Er mocht niet gepraat worden over vrouwen en niet over de politiek.
Speaker B:Nou, dat heeft kennelijk gewerkt, want ze werden eerste.
Speaker A:Ja, echt een legendarische prestatie is dat.
Speaker A:En sindsdien zijn heel veel zeilers natuurlijk op een hele andere manier hun wedstrijden gaan voorbereiden, want dit is nu de moderne manier van werken geworden.
Speaker A:We hebben het in deze uitzending vooral gehad over de eerste honderd jaar van de vereniging.
Speaker A:Naar de afronding toe ben ik wel benieuwd.
Speaker A:Als je nou het verenigingsleven van nu vergelijkt met de vereniging in die beginperiode, in die eerste honderd jaar, wat zijn dan de grootste verschillen?
Speaker C:Ik denk als je kijkt naar de periode na de oorlog dan was het hier het hoogtepunt van het netwerk van Rotterdam.
Speaker C:Want die wederopbouw die is met elkaar gedaan.
Speaker C:Dus men had elkaar nodig om te bouwen, om de fabrieken weer op te zetten en de haven weer aan de gang te krijgen.
Speaker C:En de mensen die dat allemaal met elkaar gedaan hebben die kwamen hier bij elkaar op de Maas.
Speaker C:En ik denk dat het vooral een combinatie was van dat zakelijke netwerk en ook het familiale.
Speaker C:Want men trof hier elkaar ook in het zeilen en in het roeien en in de gezelligheid.
Speaker C:Dus dat werd langzaam wat dat betreft weer opgebouwd.
Speaker C:En ik denk als je dat in grote lijnen schetst, dat in de jaren zestig dat tot volledige bloei kwam, ook dat men internationaler werd en naar buiten ging om de grote zeilwedstrijden te doen.
Speaker C:En dan zie je eigenlijk met het weergroeien van de Nederlandse handel, dat het netwerk zich uitstreekt tot het internationale.
Speaker C:Dus wat dat betreft kun je eigenlijk de Maas vergelijken met Rotterdam in het klein.
Speaker C:hoe dat zich weer opbouwde.
Speaker C:En dan alle fenomenen die zich in de samenleving tekenden, tekenden zich in het klein bijna maasaf.
Speaker C:Dus als je naar de jaren zeventig kijkt, waar de grote verschil, waar de grote verandering is van bulkolie en containervervoer.
Speaker C:Dat zie je hier ook.
Speaker C:Het conglomereert, het wordt internationaler.
Speaker C:Dus de invloed van de mensen die hier waren op de zaken in Rotterdam en op de haven, die wordt minder en minder.
Speaker C:Je ziet dat dat globaliseert en dat zie je hier ook.
Speaker C:En je ziet nog wel de overblijfselen van het netwerk, nog steeds.
Speaker C:Maar het is niet meer zoals het toen was en zeker zo in de jaren 50 en 60, waar hier gewoon Rotterdam met elkaar werd bestuurd, om het maar eens even zo te zeggen.
Speaker C:Wat je in de jaren tachtig ziet is dat er ook echt aandacht wordt gegeven aan de familieleden van de baasleden.
Speaker C:Dus dan wordt er voor kinderen hier allerlei dingen georganiseerd.
Speaker C:Niet alleen maar het roeien en het zeilen, maar ook dingen als dansles, ook dingen als Sinterklaasfeest.
Speaker C:En dan zie je dat dat familiegevoel heel erg al zijn vorm krijgt.
Speaker C:Mensen die hier in Rotterdam zijn opgegroeid, die weten dat.
Speaker C:Dat je in je jeugd met je rode broeken aan, gewoon in het weekend naar de Maas ging.
Speaker C:En echt niet alleen maar om te sporten, maar ook om elkaar te ontmoeten.
Speaker C:Met elkaar op reis te gaan.
Speaker C:En dat werd allemaal georganiseerd.
Speaker C:Daar had je heel veel commissies voor.
Speaker C:Dat verenigingsleven was heel sterk in de jaren.
Speaker C:Je ziet dat in de jaren negentig een beetje teruglopen.
Speaker C:En dan is het hele concept van een sociëteit ook niet meer helemaal in de mode.
Speaker C:Dan wordt dat niet als hip gezien.
Speaker C:Maar je ziet het weer terugkomen.
Speaker C:Dat is heel erg leuk.
Speaker C:Dat zie je niet alleen maar op de Maas, maar ook bijvoorbeeld bij de zus-sociëteiten in Amsterdam en Den Haag.
Speaker C:Dat dat weer jonge mensen aantrekt en dat dat netwerk ook zich weer vormt.
Speaker C:En ook dat dat familiegevoel weer terugkomt.
Speaker C:Dat is heel mooi om te zien.
Speaker A:Ja, dus zo ontwikkelt zo'n vereniging zich als de Maas.
Speaker A:We hebben het gehad nu over de verschillen ook in het verenigingsleven.
Speaker A:Hoe je dat beleeft nu versus honderd jaar geleden.
Speaker A:Maar wat is het Maas DNA?
Speaker A:Wat bindt ons?
Speaker A:Wat is misschien juist wel een hele sterke overeenkomst tussen toen en nu?
Speaker B:Het water.
Speaker B:Het water verbindt.
Speaker B:En dat is altijd door die 175 jaar heen gebleven.
Speaker B:We hebben hier nooit toestanden gehad, nooit ruzies of leden.
Speaker B:Ja, het afscheiden van de trekvogels dan.
Speaker B:Maar dat was natuurlijk in het verenigingsverband.
Speaker B:Maar het gaat hier buitengewoon met een goede DNA.
Speaker B:Vriendelijk, aardig.
Speaker B:En daar hopen we maar dat dat zo blijft.
Speaker A:Dat lijkt me ontzettend mooi.
Speaker A:En mooi dat we zo hebben terug kunnen blikken op 175 jaar de Maas.
Speaker A:Dank voor het delen van jullie inzichten in de geschiedenis.
Speaker A:Dank jullie wel.
Speaker A:Graag gedaan.
Speaker B:My pleasure.